Stem vork

Wanneer kom je in beweging? Als de pijn groot genoeg is? De woede. Of het verlangen?
Of als je weet waar je naartoe moet bewegen?

Het heeft geen zin om op de pijn knop te blijven drukken en berichten te blijven delen over hoe erg het is. Mensen die het niet willen horen, sluiten zich ervoor af. En de rest weet het inmiddels wel. Het is preken voor eigen parochie. Bovendien word ik er depressief van.

‘Wat maakt mijn stem uit, Rutte gaat toch wel weer winnen. Je kunt het systeem niet bevechten. Ik ben toch geen wetenschapper, arts, politicus, techneut. Hoe moet ik het nu weten? Alles draait om geld en de macht. Wat moet ik met deze informatie als ik er toch niks aan kan doen. Het probleem is te groot, we gaan het niet redden met radiatorfolie plakken. Het tij is niet meer te keren. We zijn al f*cked.’

Tussen hoop en wanhoop

Voor de duidelijkheid, lieve mensen, ik citeer mezelf. En mijn eigen strijd tussen een gewoon fijn leven willen leiden als iedereen en gevoelens van blinde paniek en wanhoop als ik enigszins onder ogen zie in wat voor wereld we leven. Kom, kom dat valt toch wel mee? Er zijn toch ook heel veel mooie dingen in de wereld? En de mens is zo inventief, als we een wagentje op Mars kunnen zetten, kunnen we toch zeker wel onze eigen wereld redden? En wie zit er te wachten op mijn cynisme en angst. Niemand heeft er toch wat aan als ik depressief in de hoek ga zitten.

La la land

Je kunt lange tijd leven in La la land en ontkennen dat er iets aan de hand is of dat jij er iets mee te maken hebt. Maar, als er eenmaal groeiend gevoel van onbehagen is, dan laat zich dat niet makkelijk wegdrukken. Aan de andere kant kun je zodanig overweldigd worden door gevoelens van machteloosheid dat je verlamd raakt en ook daar schiet je niks mee op. Het kan zelfs destructieve vormen aannemen van depressie als het op jezelf gericht is of een bijtend cynisme waardoor je anderen van je vervreemd.

Je moet er doorheen, weet ik inmiddels.
Een manier vinden om wel de realiteit onder ogen te zien en een manier om het te verwerken. Om te erkennen dat je bang bent, verontrust of woedend en de pijn te voelen. De schoonheid van de natuur te zien en tegelijkertijd het verdriet om wat er allemaal kapot gaat. Pas dan ervaar je wat voor jou van waarde is, wat de moeite waard is om je druk om te maken, Kun je onderzoeken welke actie te nemen. Je zult ook ontdekken dat je niet alleen bent.

Helpt het?

Heeft het zin om te demonstreren, de zoveelste petitie te ondertekenen, te stemmen op een partij die toch niet gaat meeregeren, geen vlees te eten terwijl je weet dat het toch niet zo veel uithaalt?

When hope ends – action begins, zeggen de mensen van Extinction Rebellion.

Wat? What’s the point om actie te ondernemen als je geen hoop hebt dat je de door jou gewenste uitkomst gaat bereiken?

#notinmyname

Al is het maar om te laten zien dat er mensen zijn die het wel wat kan schelen’. Twee jaar geleden ging ik voor de allereerste keer in het 52ste jaar van mijn leven demonstreren. Omdat er vrijwel niets gebeurd was na het tekenen van het klimaatakkoord in Parijs 2015. Om het dedain waarmee scholieren van #fridaysforfuture werden weggezet, die daar terecht tegen ageerden. In 2015 dacht ik nog echt dat er wat ging veranderen, in 2019 was die hoop al behoorlijk vervlogen. En nu, 2021 aan de vooravond van de verkiezingen, staan we er slechter voor dan ooit. Het klimaat staat nauwelijks op de agenda van de politieke partijen. Hoe lang kun je roepen dat het twee voor 12 is, dat er nu echt wat moet gebeuren, dat het nog niet te laat is.

Klimaatalarm 2021

En toch deden we dat weer. Op zondag 14 maart klonk het klimaatalarm 2021, in 44 plaatsen in Nederland. Op pleinen en in huizen lieten 35.000 mensen van zich horen. Ook ik stond op de Brink in Deventer met 400 andere mensen, na de nodige interne tegenstribbelingen. Hebben we er iemand mee overtuigd om anders te gaan stemmen? Krijgen we nu wel een groener en eerlijker klimaatbeleid? Geen idee, ik denk het niet. Maar voor de mensen die daar stonden, of thuis via de live stream volgde maakte het wel uit. Het was mooi, ontroerend, verbindend en bemoedigend. En dat heeft een veel groter effect, dan dat ene uurtje op de Brink en de 400 mensen die daar stonden.

Stem elke dag met je vork

Moeten we nu allemaal op de barricade, op potten en pannen gaan slaan? Nee, dat hoeft natuurlijk niet, alhoewel het wel helpt om medestanders te treffen, te weten dat je er niet alleen voor staat. Belangrijk is dat je je stem wel laat horen, op momenten dat het ertoe doet, zoals verkiezingen. Maar nog belangrijker is wat je elke dag doet, welke keuzes je maakt en dat die in lijn zijn met wat je belangrijk vind. Je kunt elke dag kiezen voor een groener en eerlijker klimaatbeleid.

Je kunt elke dag stemmen met je vork: kies voor gezond voedsel, kies voor een eerlijke prijs voor de boer, kies voor biodiversiteit, kies voor het klimaat

Online INSPIRATIE ‘WEEK zonder vlees’

Door en voor Deventenaren!

Van 8 t/m 14 maart is het de nationale ‘week zonder vlees’ en wij doen mee!  Samen met 5 ondernemers uit Deventer organiseert Duurzaamheidscentrum Deventer een inspirerende week vol leuke tips & tricks om je vingers bij af te likken?.  Elke dag komt één van de deelnemende ondernemers aan het woord voor jouw dagelijkse portie inspiratie omtrent minder vlees eten. Daarnaast komen ook leuke activiteiten en acties van de ondernemers voorbij! Dus meld je hier aan om op de hoogte te blijven.

Maandag: K.eetmee

“Wat doe ik met tofu? En 5 andere alternatieven voor vlees” – dat is waar Cathy Verschoor van K.eetmee zich op richt in haar webinar voor deze inspiratieweek. Cathy is natuurvoedingsdeskundige en natuurkok: ‘Een heel groot verschil dat je zelf kunt maken voor een duurzame wereld is te kiezen voor een zoveel mogelijk plantaardig dieet met verse, pure producten en het tegengaan van voedselverspilling,’ vertelt ze. ‘Je kipfilet vervangen door kipstuckjes of een andere vleesvervanger is een makkelijke en logische stap als je minder of geen vlees meer wilt eten. Maar wat als je verder wilt dan de vleesvervanger? Moet je dan tofu gaan eten? En hoe maak je dat dan klaar zodat het ook lékker is (en ook je partner en kinderen het lusten)? Daar gaat het webinar over.’ Het webinar is op woensdag 10 maart, van 20:00-20:30. Registreren kan hier.

Dinsdag: noPeanuts

Joliene van Es, van het Deventer bedrijf noPeanuts schrijft deze dag een blog, en daagt je op haar eigen website uit voor een Vega-Challenge voor de week erna, met vijf vega-recepten en een cadeautje voor wie een bestelling plaatst. ‘Dan ontvang je de ingrediënten en de recepten thuisbezorgd in Deventer’, vertelt Jolien. ‘Sinds de Support Your Locals actie in Deventer ben ik gaan beseffen dat er zoveel prachtige, duurzame, lekkere en eerlijke producten worden gemaakt in onze directe omgeving en dat deze de stad nauwelijks bereiken. Dat haal ik naar jouw keuken, zodat jij heel gemakkelijk kunt koken waar je zin in hebt!’

Woensdag: Munt&Marjolein

Woensdag publiceert voedingscoach Marjolein Cozijnsen een blog met tips om de overstap naar meer vegetarisch eten makkelijker te maken. Ze deelt ook een simpel en voedzaam vega recept, dat bovendien geschikt is om mee te nemen naar je werk. Ook heeft ze een actie waarbij mensen een gratis check van hun voedingspatroon kunnen winnen!

Donderdag: Groente van Zus

De zussen Anke en Carlijn runnen de biologische catering Groente van Zus. Zij hebben een vegetarische verrassingsborrelbox voor twee personen samengesteld speciaal voor deze ‘week zonder vlees’ voor een leuke prijs. Er is een beperkt aantal, dus bestel snel! Hou dus op deze dag het online evenement in de gaten. ‘Of Groente van Zus mee wil doen? Natuurlijk willen wij dat!’, zo reageerden de zussen. ‘Als cateringbedrijf met een focus op groenten én duurzaamheid, is een week geen vlees eten iets dat wij met alle liefde willen ondersteunen. Want elke stap die je zet, groot of klein, heeft een positieve invloed!’

Vrijdag: BioToko

Last but not least! Op vrijdag publiceren we een blog én kortingsactie van Thomas, de eigenaar van BioToko Deventer, die sinds december 2020 in Deventer gevestigd is. Hij werkt alleen met biologische producten. ‘Als er nieuwe gerechten worden ontwikkeld kiezen wij ervoor om een vegetarisch gerecht te bedenken,’ vertelt Thomas. ‘Met uitsluitend groenten, of met tahu of tempeh.’ De kortingsactie die we publiceren kun je gebruiken bij je volgende bestelling. Houd daarvoor het online evenement goed in de gaten!

Doe jij ook mee? Meld je hier aan voor het online evenement om op de hoogte te blijven van alle berichten! Geen Facebook? Ook alle acties en berichten worden gedeeld op Instagram.

Koken zonder vlees(vervanger)

Wil je ook vaker ‘koken zonder vlees’? Dan kan het leuk zijn om mee te doen met een initiatief als ‘de Nationale week zonder vlees’. Je laat een week lang het vlees staan, om te kijken hoe dat bevalt en waar je tegenaan loopt. Ondertussen krijg je allerlei tips, recepten en inspiratie. Ook voor mensen die al (regelmatig) vegetarisch eten een leuke manier om nieuwe inspiratie op te doen.

Nationale week zonder vlees

Binnenkort (8-14 maart 2021) is alweer de vierde editie van de ‘Nationale week zonder vlees‘, geïnitieerd door Hippe Vegetarier Isabel Boerdam. In Deventer organiseert het Duurzaamheidscentrum samen met een aantal culinaire ondernemers in Deventer een inspirerende week met tal van tips en acties. Geen vlees consumeren, als is het maar een week, verlaagt de milieudruk van je voeding aanzienlijk. Je bespaart bijvoorbeeld op de uitstoot van broeikasgassen die bijdragen aan klimaatverandering en watergebruik en uiteraard op dierenleed.

Carne vale

De week zonder vlees is niet voor niks begin maart georganiseerd. We zitten namelijk midden in de vastentijd: deze is van Aswoensdag (na carneval) tot aan de Pasen en duurt in totaal 40 dagen. In de Katholieke kerk betekende dat in de vastentijd afgezien werd van vlees en soms ook zuivel. Carnaval zou afkomstig zijn van carne vale – ofwel ‘vaarwel aan het vlees’). Tegenwoordig wordt dat meer meer zo strikt gehanteerd, maar het kan geen kwaad om je eetgewoonten af en toe eens onder de loep te nemen. En dergelijke initiatieven (evenals de vele aanbiedingen voor vleesvervangers in de winkels!) kunnen je net dat zetje geven om weer eens wat anders te proberen.

Zelf heb ik altijd een beetje moeite met de term ‘vleesvervanger’ (vleesopvolger las ik laatst), want wat bedoelen we daar nu eigenlijk precies mee? En moet vlees wel vervangen worden? En zijn vleesvervangers ‘gezonder’ dan vlees, zoals veel mensen denken.

Vleesvervanger

Een vleesvervanger kan de smaak, textuur en vorm benaderen van vlees. Het lijkt op iets wat je al kent (burger, worstje, gehakt) en is daarom makkelijk in te passen in je maaltijd. Daarmee is het niet perse gezond of qua voedingswaarde hetzelfde als vlees. Veel vleesvervangers die je in de supermarkt aantreft zijn zwaar bewerkt en bevatten ook veel zout en andere toevoegingen. De meer traditionele vleesvervangers (zoals tofu, tempeh en seitan) zijn weinig bewerkt en volwaardige eiwitbronnen die al eeuwen in bijvoorbeeld Aziatische landen tot het standaard menu behoren. Je moet ze wel weten klaar te maken want deze pure eiwitten smaken van zichzelf naar niks.

niet nodig

Heb je een menu rijk aan peulvruchten en/of noten, dan is een vleesvervanger niet nodig. Om de smaak, textuur en vorm van vlees te benaderen, kun je gebruik maken van de volgende technieken die ook bij het bereiden van vlees worden toegepast:

  • goed kruiden, gebruik bv ‘vleeskruiden’ of rooksmaak (gerookte paprikapoeder)
  • grillen of bakken
  • let op de ‘bite’, gebruik bv paddenstoelen voor een vleesachtige structuur en umami (hartige) smaak (niet zozeer voor de voedingswaarde)
  • wees niet te bang voor tekorten. De hoeveelheid dierlijke eiwit die we met z’n alle consumeren is veel meer dan nodig of wenselijk. Dus een beetje minder kan echt geen kwaad.
  • varieer en combineer en laat je inspireren door de vele (nieuwe) producten op de markt en ga vooral op avontuur
Verruiming kookrepertoire

Het allergrootste voordeel van een dag, een week of langer zonder vlees is natuurlijk de milieu impact en het verminderen van dierenleed. Let je daarbij ook nog een beetje op de samenstelling en herkomst dan heb je een voedingspatroon die op vele fronten superieur is. Bovendien verruim je je kookrepertoire aanzienlijk. win-win-win!

Wat doe je met tofu?
En 5 andere alternatieven voor het eten van vlees(vervanger).

Tijdens de Nationale week zonder vlees geef ik een LIVE webinar over koken zonder vlees(vervanger):
– waar je op moet letten
– welke alternatieven heb je naast tofu en tempeh
– en hoe maak je daar het beste gebruik van
woensdag 10 maart 2021, van 20:00-20:45
Heb je vragen over koken zonder vlees (vervanger) ? Stuur ze naar: info@keetmee.nl

Op voorraad

De eerste aankondigingen van bar winterweer waren nog maar net de ether ingeslingerd, of ja hoor de hamster reflex trad al in werking. Met als gevolg, lange rijen en lege schappen. Alsof de hongerwinter in aantocht is. Nu kan het natuurlijk geen kwaad om je enigszins voor te bereiden. Ten slotte kan het voorkomen dat je even niet door het barre winterweer heen wilt of kunt. Of dat je lokale kruidenier of favo restaurant niet in staat is om te bezorgen. Een beetje zelf-redzaamheid is dan wel prettig. Met een basis voorraad kun je je desnoods een paar weken redden. Dit is wat ik zelf meestal op voorraad heb:

Groenten- fruit
Seizoensgroenten die nu beschikbaar zijn en die je zeker een aantal weken kunt bewaren, zijn: aardappelen; witte-, rode-, savooiekolen; wortel, pastinaak; knolselderij; rode bieten; (kool)rapen; pompoen; prei en uien. Fruit: appels en citrusfruit (sinaasappels en mandarijnen) en eventueel gedroogd fruit als snack of smaakmaker.

Granen
Voor de avondmaaltijd zorg je voor voldoende rijst, deegwaren (volkoren pasta of noedels) of andere (semi) granen als couscous, quinoa oid. Muesli voor in de yoghurt. Met meel/bloem in huis kun je zelfs je eigen brood, wraps of pannenkoeken bakken.

Eiwit
Met kaas, eieren, yoghurt of kwark kun je prima een week of meer toe, evenals tofu of tempeh. Noten, pitten en zaden mogen ook niet in de voorraadkast ontbreken. Maar een geweldige, bewaarbare eiwitbron zijn natuurlijk peulvruchten: bonen, erwten en linzen. Heb je geen zin om droogbonen vantevoren te weken en lang te koken, neem dan een potje. Of gebruik linzen, deze hoef je niet te wellen en zijn snel klaar.

Uiteraard heb je daar ook nog de nodige toevoegingen voor nodig als:

Kruiden, specerijen en andere smaakmakers als zout, suiker/honing, mosterd, azijn, tomatenpuree, bouillonblokje, citroensap, sojasaus, chili, knoflook(pasta) en gember (vers of siroop)

Olie en/of boter om mee te bakken of als dressing.

Met peulvruchten en wat wintergroenten maak je in een handomdraai deze
vegetarische erwtensoep of Turkse linzensoep.

Maak gelijk een forse pan. Je kunt deze goed in glazen potten invriezen (zorg ervoor dat er minstens 2-3 cm ruimte in de pot overblijft, zodat de vloeistof kan uitzetten bij bevriezing).

Insecten eten III

Zou jij ook insecten eten?
Deze week werd bekend dat het Europese Agentschap voor Voedselveiligheid (EFSA) als eerste meelwormen heeft goedgekeurd voor menselijke consumptie. Naar verwachting zullen er nog andere eetbare insectsoorten gaan volgen. Het klinkt revolutionair maar in veel landen is het eten van insecten traditioneel onderdeel van het menu. Zelf experimenteerde ik een aantal jaren geleden al met het klaarmaken en eten van meelwormen (zie bericht hieronder). Is dit iets wat je vaker zou eten, was mijn vraag ook toen. Het antwoord was een volmondig ‘ja’ want ik vond het echt lekker. En de meelwormen kunnen natuurlijk makkelijk verwerkt worden in allerlei voedingsmiddelen. Inmiddels ben ik er niet meer zo zeker van dat insecten in Nederland snel geaccepteerd zullen worden. En net als bij andere dierlijke eiwitbronnen, het is ook niet perse nodig. We hebben inmiddels een geweldig plantaardig alternatief: namelijk peulvruchten!
Hier lees je het oorspronkelijke blog.

https://nos.nl/artikel/2364258-eu-geeft-groen-licht-voor-meelwormcurry-en-pasta.html

Nootjes met pootjes (insecten eten II)

Geplaatst op 9 november 2014|

1534760_10204051147737842_8388130941940701413_o
meelwormen in de pan

Stoer waren ze wel, de mee-eters van de aanschuiftafel in Deventer: de meelwormen die op het menu stonden gingen allemaal op! En dan heb ik het niet over een paar frummeltjes verstopt in een koekje, zoals ik zelf weleens eerder heb geprobeerd (zie insecten eten I). Of verwerkt in een burger zoals in de schappen van een grote supermarkt keten. Nee, dit was ‘hard-core’ insecten eten met duidelijk herkenbare wormen. Sommigen dachten dat ze zelfs nog bewogen maar dat was natuurlijk niet zo. De wormen waren ‘humaan gedood’ door ze in de vriezer te stoppen en daarna flink gebakken. De eerste hap is even slikken maar de wormen blijken echt lekker om te eten. ‘Het smaakt naar nootjes maar dan met pootjes’, volgens de website duurzaam insecten eten.

Het klaarmaken van de meelwormen is verrassend eenvoudig: je kunt ze eenvoudig door de olie en bloem wentelen en dan frituren. Ik bakte ze liever in de pan met een uitje, wat tomaatjes, peper/zout. Dat is alles!

Afgezien van een nieuwe eet ervaring, leverde de maaltijd ook veel ‘food for thought’ en vragen op: is het eten van wormen ook zielig, zoals een van de kleinste eters opmerkte; krijg je niet net zulke excessen als bij kweekvis; is dit iets wat je vaker zou eten? Het antwoord op de laatste vraag is wat mij betreft een volmondig ‘ja’. Als je perse dier wilt eten (en dat is niet echt noodzakelijk) is dit een heel goed en smakelijk alternatief.

Rest nog de vraag ‘hoe kom je eraan?’ Onze meelwormen waren ‘eigen kweek’. Hoe je dat doet kun je vinden op onderstaande site.

cropped-Insecten-Eten-Duurzaam1

Alles wat je wilt weten over insecten eten – entomofagie. Met ervaringen en tips rondom het eten van het vlees van de toekomst: ‘fruits de terre’

:

Lekker lokaal

Gala en Svatava

Zeg eens eerlijk, welk appeltje kies jij? Links of rechts? De linker is een regulier Gala appeltje uit de lokale supermarkt, de rechter een Svatava appel van een lokale biologische fruitkwekerij. Toegegeven, toen mijn lokale streekkruidenier deze appels bezorgde, fronste ik ook even de wenkbrauwen. Ik bedoel, er kan natuurlijk weleens wat mis gaan maar er zijn grenzen. Alvorens mijn beklag te doen, toch maar even de proef op de som nemen. Er kwam een prachtig, gaaf appeltje tevoorschijn onder de ruige schil: heerlijk fris zuur, maar niet te, en lekker stevig. ‘Het ziet er niet uit, maar is wel heel lekker’, was de conclusie.

t Is niet altijd wat het lijkt

Hoogstamfruit
De ´Svatava´ appel is genoemd naar een rivier in Tsjechië, die in Duitsland ontspringt. Het is een nieuw schurftolerant ras en daarom geschikt voor ecologische teelt. De appel is afkomstig van lokale biologisch fruitteler Hekkert uit Terwolde -op nog geen 10 km afstand van mijn huis- aan de overkant van de IJssel. Hekkert is gespecialiseerd in hoogstamfruit. Hoogstamboogaarden zijn van oudsher kenmerkend voor het rivierengebied maar zijn sinds de jaren vijftig praktisch uit het landschap verdwenen. Net als de grote diversiteit aan appelrassen. Laagstamteelten zijn lucratiever en het is nu eenmaal makkelijker (en goedkoper) om veel van hetzelfde te produceren. Dat lijkt efficiënt, maar is een groot risico voor de biodiversiteit.

Veel van hetzelfde
En zo kan het voorkomen dat er in de supermarkt eigenlijk altijd dezelfde soorten appels te vinden zijn. Ruim van tevoren worden prijs- en leveringsafspraken gemaakt met telers. Ze voldoen aan vastgestelde normen qua grootte, smaak en uiterlijk. Makkelijker voor het transport ook als alle appeltjes dezelfde grootte hebben, passen dezelfde hoeveelheden in een kist. Appels worden massaal uit Chili of Nieuw-Zeeland geïmporteerd ook als er in Nederland genoeg aanbod is. Supermarkten doen aan winstmaximalisatie, dus als het elders goedkoper kan dan gaan ze daarvoor. Voldoen ze niet aan de norm dan worden complete oogsten afgekeurd en weggegooid. Als daar in toenemende mate kritiek op komt, worden appeltjes herpakt en als ‘Buitenbeentjes’ verkocht. Geeft ons als consument toch het gevoel dat we goed bezig zijn.

Is dit cynisch? Het hele systeem is cynisch.
Want ondertussen worden we constant om de oren geslagen ‘dat biologisch te duur is’ of ‘de wereld niet kan voeden’ of erger nog ‘de consument er nu eenmaal om vraagt’.
Hûh, ik?

Eerlijk gezegd had ik hier vroeger geen benul van. Ik kocht altijd dezelfde, keiharde groene Granny Smith om zo te eten en Goudreinetten voor de taart. Geen idee dat er zoveel soorten zijn (alleen in Nederland al een kleine duizend variëteiten!) die soms alleen in een bepaalde streek groeien of maar beperkt aantal weken in het jaar te koop zijn.

‘Gaaf hè?’ zegt Erik de streekkruidenier, die ‘s avonds laat de boodschappen nog komt bezorgen, ‘De appels komen zo van de boom, ik zag ze nog hangen bij Hekkert’

Voldoening
En hiermee komen we bij iets waar ik vroeger ook geen benul van had: wat een enorm plezier en voldoening geeft het om te weten waar je eten vandaan komt; wat een ontdekkingen aan smaken en soorten. Hoe fijn is het te weten dat je bijdraagt aan een gezond systeem en niet aan eentje die de aarde uitput en kapot maakt. Maar vooral dat je een lokale ondernemer steunt met hart voor zijn/haar product en klanten en niet een anonieme multinational die alleen uit is op winst. Ik hoop dat veel mensen die afgelopen maanden misschien voor het eerst bij een lokale bio boer kwamen, dit ook ontdekt hebben.

Koop bio – koop lokaal en van het seizoen.

Niet alleen omdat het beter is voor de Aarde, maar voor ons allemaal.
En je er ook nog eens blij van wordt.

Hoop

Ai, wat een gewetensvraag. Voor het eerst weet ik niet wat ik moet antwoorden. Ik heb me opgegeven om online de documentaire ‘Kiss the ground’ te bekijken*. Vooraf vragen de makers een enquête in te vullen, en de eerste vraag is:

Agree or disagree. ‘I have hope that we will be able to solve climate change before it is too late’.

De documentaire begint met verteller ‘Woody Harrelson’, die zichzelf tegenwoordig activist noemt in plaats van acteur. ‘Ik geloof er niet meer in’, zegt hij, met z’n typisch Southern drawl om vervolgens de enige echte oplossing te noemen om de aarde en onszelf te redden: die ligt onder onze voeten namelijk in het herstel van de bodem. “Regenerative agriculture” ofwel herstellende landbouw heeft de potentie grote schommelingen in ons klimaat op te vangen, onze watervoorziening te herstellen en de wereld te voeden.

Trailer Kiss the Ground

Is de oplossing echt zo simpel? Gezond grond, gezonde plant, gezonde mensen, gezond klimaat.

Ik wist natuurlijk waar deze film over gaat en kan het niet anders dan het eens zijn met de makers. En toch, ook na het bekijken van de documentaire blijf ik met een dubbel gevoel achter. Het verhaal is natuurlijk niet nieuw. Ruim 10 jaar geleden keek ik voor het eerst een vergelijkbare documentaire ‘Dirt, the movie’. Het was mijn eerste kennismaking met de biologische landbouw. Voor zoveel mensen was dit al lang bekend! Ik weet nog hoe ik onder de indruk was (en ben!) van het herstellend vermogen van de natuur en hoe wij als mensen daarmee verbonden zijn.

Hoeveel films en documentaires heb ik sindsdien gezien? Zijn we al te laat? We weten het al lang en toch doen we onvoldoende om het tij te keren. De problemen lijken zo groot en overweldigend dat het moeilijk is niet de hoop te verliezen.

En toch.

Voor mij was 10 jaar geleden een gezondheids crisis reden om het roer om te gooien en een eerste stap te zetten. Net als nu velen het afgelopen jaar gedwongen zijn om stil te staan. Te bedenken wat belangrijk is in ons leven. Aan onze gezondheid te werken. De natuur in te trekken. Lokale ondernemers te steunen. Meer mensen dan ooit ontdekte de lokale bio boer en sloten zich aan bij voedselgemeenschappen.

We staan op de vooravond van een nieuw jaar. Als iets dit jaar duidelijk is geworden, is waar we als mensheid toe in staat zijn. Zowel in positieve als in negatieve zin. Of je nu een virus-, of klimaat ontkenner bent, of denkt dat en vaccin de ultime oplossing biedt.

Werken aan herstel, van jezelf en van de aarde, is altijd een goed idee.

Ik wens je een hoopvol nieuw jaar!

* -Dank je wel, Anne, Ellen en Wouter. Ik weet niet wie jullie zijn maar fijn dat jullie dit mogelijk gemaakt hebben voor degene die geen Netflix hebben!

Kerst rest

Stel nou dat je het kerst menu hebt gemaakt en nog zit met een rest pompoen, linzen, bieten, knolselderij, sinaasappeltaart (nou ja, dat laatste lijkt me sterk), dan maak je daar in een handomdraai weer een aantal nieuwe gerechten van. Broodbeleg is een natuurlijk favoriete manier om aan restverwerking te doen. Pompoensoep, ligt ook voor de hand, of een curry. Met een broodje erbij of wat rijst heb je weer een volledige maaltijd.

Een basis (vegetarische) maaltijd bestaat namelijk uit: groen(te) – graan – boon. Hou deze drie in je achterhoofd en ga hiermee varieren.

Groen

Groenmag uiteraard ook een andere kleur zijn-: Neem een willekeurige groente of datgene wat je nog voorhanden hebt. Dat kan gekookt of ongekookt zijn.


graan

Bij graan denken we vaak alleen aan tarwe (brood) of rijst maar er zijn nog heel veel andere soorten of verschijningsvormen. Graan gebruiken we ook als: wraps, tortilla, couscous, havermout, pannenkoeken, muffins, pap, (hartige of zoete) taart, snack (popcorn!) etc.

bonen

Met bonen bedoel ik alle peulvruchten (erwten, bonen en linzen), deze gebruik je in de vegetarische en veganistische keuken als eiwitbron. Ook hier kun je veel meer kanten op dan je zo op het eerst gezicht zou denken: linzengehaktbrood – dip – tempeh!

Hier heb je mijn favoriete rest recepten van het kerstmaal (zonder naar de winkel te moeten):
  • Zoet toetje van rode biet of pompoen (rauw of gekookt)
    Doe de pompoen/biet in de blender met wat dadels (zonder pit!), 1 dl slagroom, sap van 1 sinaasappel, wat yoghurt en pureer tot alles heel glad is; maak op smaak met kaneel, snufje zout, gember(siroop). Voeg extra dadel of agavesiroop toe als je het wat zoeter wilt.
  • Knolselderij ‘carbonara’:
    Maak de knolselderij puree eventueel iets dunner met groentenbouillon of slagroom en gebruik m als groentensaus bij de (wortel)pasta. Garneer met gefrituurde salieblaadjes.
  • Gehacktbrood van linzen
    Neem ongeveer 250 gr. gekookte linzen en 250 gr. gekookte rijst. Fruit een ui met wat knoflook, rasp een wortel. Stamp het geheel eventueel een beetje fijn zodat het een samenhangende massa wordt, maak op smaak met tomatenpuree, kruiden, peper/zout). Verwarm de oven voor op 180 graden. Stort het mengsel in een langwerpige cakevorm of andere bakvorm en bak het gehaktbrood 45 minuten à 1 uur tot de bovenkant een beetje bruin is geworden. Laat het brood minstens 15 minuten afkoelen en op smaak komen, of laat het helemaal afkoelen en serveer het op kamertemperatuur. Stort het op een bord en snijd het in plakjes.
  • No crap flat bread:
    Gelijke delen bloem en gekookte pompoen (of aardappel). Prak met een vork en meng de bloem erdoor heen. Verdeel in stukken en rol uit tot plat deegstuk: bak in droge (grill)pan 1- 1 1/2 aan beide zijden.

duurzaam kerstmenu

Duurzaam kerstdiner

Het Duurzaamheidscentrum Deventer vroeg mij om een duurzaam kerstdiner samen te stellen. Dat vond ik een mooi opdracht. Met feestdagen of bijzondere gelegenheden zijn we maar wat snel geneigd om even onze principes opzij te zetten. Ach, deze ene keer in het jaar.

Het mag toch ook wel even feestelijk zijn,
zeker nu we ook nog in een lockdown zitten.


Nu klopt het dat het vooral gaat om wat je het merendeel van het jaar doet en een keertje de teugels laten ‘vieren’ is natuurlijk helemaal niet erg. Maar eigenlijk is het een heel raar idee. Alsof het een grote opoffering moet zijn om duurzaam te leven. Wat een onzin. En alsof je principes zomaar even aan en uit kunt zetten. Je kunt je ook afvragen waarom je dat zou moeten doen.

Vegetarisch, het nieuwe normaal
Zo at ik al een aantal jaren vegetarisch, behalve met kerstmis. En in eerste instantie vond ik dat ook geen probleem. Mijn vader maakt een ‘killing’ kerstkonijn (pun intended) waar we allemaal erg van kunnen genieten. Maar op een gegeven moment vond ik het niet meer fijn om vlees te eten, ook niet die ene keer per jaar. Het heeft enige tijd geduurd voordat ik dat ook gewoon kon zeggen. Maar uiteindelijk heb ik wel gemerkt dat het een stuk makkelijker is om maar gewoon ‘uit de kast te komen’. En waar ik vroeger mensen nog weleens waarschuwde als ik voor ze kookte ‘maar het is wel vegetarisch hoor’, ga ik er tegenwoordig steeds meer vanuit dat vegetarisch ‘het nieuwe normaal is’.

Je hoeft ten slotte geen vegetariër te zijn
om vegetarisch te eten.

Het grote voordeel: iedereen kan mee-eten! Ter ‘compensatie’ voor de vleeseters staat er een pompoen rollade op het menu, een feestelijk gebraad om op tafel aan te snijden. En ‘kaviaar’ van Beluga linzen, dat zijn prachtige diepzwarte linzen die niet kapot koken.

Het kerstdiner is gemaakt met seizoensgroenten, natuurlijk. En niet alleen omdat het idioot is om met kerst aardbeien te eten die dan van de andere kant van de wereld moeten komen. Het is ook gewoon niet te eten. De seizoensgroenten voor dit menu zijn: rode biet, pompoen, veldsla, spruitjes, knolselderij en stoofperen, best veel eigenlijk. En alles biologisch en liefst lokaal geteeld.

Geen stresskip
Verder draagt een duurzaam kerstdiner liever niet bij aan de verpakkingsberg – anders zouden we natuurlijk gewoon een kant en klaar kerstmenu kunnen kopen en in de magnetron gooien-. Dus, we maken alles zelf, zonder pakjes en zakjes! Daarbij moet het ook niet al te ingewikkeld zijn, want niemand zit te wachten op een stresskip met kerst. Een groot deel valt vooraf al te maken – en ik laat je zien hoe – zodat je op de dag zelf voornamelijk je mooiste tafellinnen en glimlach te voorschijn hoeft te toveren.

Bestellen
Tenslotte kun je alle ingrediënten bestellen bij de lokale Streekkruidenier de Gouden Pompoen, en deze bezorgt het ook nog eens bij je thuis. Tenminste, als je in Deventer en direct omgeving woont en anders zoek je iemand in de buurt. Want we steunen natuurlijk ook graag de lokale economie!

Oja, het menu:

Caprese van biet en mozzarella

Pompoenrollade * Knolselderij puree * Geroosterde spruitjes * Linzenkaviaar * Stoofpeertjes

Sinaasappeltaartje

Hele fijne en gezonde feestdagen!

De Groentenbijbel

Ach, wat een heerlijk boek, De Groentenbijbel van Mari Maris – van aardappelpuree tot zuringsoufflé. Al vaker voorbij zien komen, het boek is dan ook al uit 2013, maar tot nu toe nooit echt open geslagen. En nu ik dat gedaan heb, ben ik direct grote fan. Met bijna 500 pagina’s is dit boek met recht een ‘bijbel’ voor groentekoks. Zonder dat het direct een vegetarisch kookboek is. Zoals de ondertitel al aangeeft, is het boek gerangschikt naar groenten. Er komen wel 65 groentesoorten voor. En bij elke groente staan niet alleen verschillende recepten, maar ook achtergrondinformatie over oogsten, kopen en verwerken en goede (kruiden)combinaties. Uitermate geschikt voor improvisatiekoks, mensen met een moestuin of gewoon iedereen die verse (seizoens)groenten als uitgangspunt van hun maaltijd hebben.

Kook nooit vegetarisch, kook lekker en gebruik toevallig geen vlees of vis.’

– Mari maris –

Basiskennis en meuk

Het boek begint overigens met basiskennis en -begrippen: ‘keukentermen, trucs, vaardigheden en wetenswaardigheden over ingrediënten en keuken-gereedschap’. Zo leer je gelijk het verschil tussen ‘aanzetten’ (op hoog vuur, snel en heet bakken) en ‘fruiten’ (laag tot middelhoog bakken) van ui en knoflook. En dat je een ui prima door een sjalot kunt vervangen maar andersom beter niet. Halverwege de zeer praktische en leerzame beschrijving van verschillende bereidingstechnieken kom ik het voor mij onbekende ‘tambouille’ tegen. ‘Ik wilde het woord meuk (voor allerhande smeersels en spreads) in dit boek gebruiken, maar mijn strenge redactrice vond dit echt té onsmakelijk. Met het Franse woord voor ‘prutje’ – tambouille dus- kon ze wel akkoord gaan.’

Basisrecepten

Om de beschrijvingen van de recepten bij de groenten beperkt te houden is er ook een hoofdstuk met basisrecepten van bouillons, sauzen, deeg, dressings en smaakmakers. Erg leuk vond ik het recept voor de ‘spekjesvegetariërs’, knapperige gefruite knoflookreepjes die net dat smaakje toevoegen bij gerechten waar je normaal spekjes in zou doen. En wist je dat een bloempapje, waarmee je alle sauzen kunt binden, Dikke Willem heet? Of zou ze dat ook zelf verzonnen hebben?

Met ook nog een seizoenskalender en een vurig pleidooi voor verse, volle grondsgroenten, is Mari Maris een vrouw naar mijn hart. ‘U hoeft het niet van mij aan te nemen. Proef gewoon een keer groenten die ‘langzaam’ groeide naast een kasproduct.’

Proef op de som

Okee dan, tijd om eens een kijkje te nemen bij de recepten. Ik sla het boek open bij de simpele wortel. En leer gelijk dat de hippe ‘regenboog wortelen’ de originele wortelkleuren zijn en oranje wortelen een Nederlandse uitvinding is. Het eerste recept ‘bijna puur’ is toch een verrassende combi met basilicum. Vervolgens een leuke wortelbonbon (wortel puree ingepakt in een blaadje nori), wat eenvoudigere wortelsalades of –soep met sinaasappel, en een ‘tambouille’ (hé daar heb je m!) van wortelloof -klinkt toch beter dan wortelloof pesto– Verder recepten van geroosterde, gegratineerde, gestoofde, geglaceerde en geflambeerde wortel. Ook de worteltjestaart ontbreekt niet. Er zijn zelfs twee recepten waarvan eentje een Italiaanse variant en als laatste zelfs een worteltiramisu. In totaal maar liefst 22 wortelrecepten met daarbij serveersuggesties en welke andere groenten je eventueel ook zou kunnen gebruiken ipv wortel.

In een doorgesneden wortel zit zo ontzettend veel schoonheid, dan hoef je je over andere dingen eigenlijk niet zo veel zorgen meer te maken.”

Het hele boek telt 850 recepten en varianten daarop. Met veel wetens-waardigheden en geestig geschreven. Voorlopig ben ik hier wel even zoet mee. Blijkt Mari nog veel meer boeken te hebben geschreven: Mari plukt de dag, maar liefst 848 bladzijden! ‘een groots en meeslepend boek, met zowel persoonlijke verhalen, recepten, achtergrondinformatie, technische kennis, foto’s…’ Waarbij zelfs Karin (van Koken met) zich afvraagt of een kookboek ook te dik kan zijn. Dan is er ook nog de saladebijbel, Maison Mari en komt in november 2020 het boek A la minute uit. Mijn hemel, kan er nog wel een dag zonder Mari?

Mari Maris (1974) was kok in Amsterdam toen ze besloot zich in Noord-Frankrijk te vestigen. Daar beheert ze sindsdien de Jardin des Étoiles, waar ze groenten verbouwt, kookt en mensen ontvangt.