Courgette

We trappen het zomerseizoen af met courgette. Verrassend is dat de courgette heel gezond is. Je zou niet verwachten dat er in en onder dat groene schilletje zoveel vitamine en mineralen schuilen: 100 gram levert maar liefst 28% van de dagelijks aanbevolen hoeveelheden vitamine C op! Door de neutrale smaak van courgettes kun je er vele kanten mee op. We beginnen met de kleine, stevige exemplaren en gebruiken ze als basis voor deze ‘thuis tapas’ . Later in het seizoen kunnen we de (te) grote exemplaren verwerken tot soep en atjar

Courgette rolletjes
  • snij met de kaasschaaf linten van de courgette, besmeer deze met wat (kruiden)olijfolie en laat even staan
  • maak een mengsel van ricotta, peper/zout, pijnboompitjes en een beetje basilicum
  • smeer het mengsel op de linten en rol de courgette op, zet evt vast met een prikker
mini pizza
  • snij de courgette in pakjes
  • beleg deze met bv groene of rode pesto, tomatensaus, pijnboompitjes, geraspte kaas en italiaanse kruiden
  • leg de mini pizza’s ongeveer 3-5 minuten onder voorverwarmde gril leg er evt. nog een blaadje basilicum op
Hartige koekjes
  • De courgettes wassen en met schil en al raspen, mengen met een theelepel zout en wegzetten in een vergiet (het zout ontrekt vocht aan de courgette waardoor je ze beter kunt bakken)
  • Mengen met ei (2 eieren op 500 gram courgette), verse kruiden zoals peterselie, koriander of munt en zoveel bloem dat de massa stevig genoeg is om er een koekje van te vormen; op smaak maken met peper, knoflook, paprika-, of kerriepoeder (of je eigen favoriete kruidenmengsel)
  • Verhit boter of olie in de pan
  • Met twee eetlepels (of je handen) platte koekjes vormen en deze aan beide kanten goudbruin bakken
  • 500 gram (2 kleine) courgettes levert ongeveer 15 koekjes op

Wortel, was- en bospeen

Nee, een bospeen komt niet uit het bos. Het zijn de lange, slanke wortelen met het loof er nog aan die samen, jawel, gebost zijn. Waspeen is schoongemaakte bospeen (zonder loof) en winterwortel is de dikke neus van de sneeuwpop. Het is eigenlijk heel logisch… Het hele jaar door zijn er dus wortelen te verkrijgen. En dat is maar goed ook. Wortel is met de ui, prei, selderij en knoflook een van de basisingredienten die je eigenlijk altijd in huis zou moeten hebben.

Oranje boven

Op dit moment kunnen we genieten van de zomerse bospeen. En dan ook nog in allerlei kleuren; de zg regenboogwortels. Het lijkt een noviteit maar het zijn eigenlijk de originele wortel kleuren. Zo komt de paarse wortel al 5000 jaar geleden in Afghanistan voor. De oranje wortel is er pas sinds de 16e eeuw en een typisch Nederlandse uitvinding. (en dat heeft niks met Willem van Oranje te maken, aldus Mari). Geef mij maar oranje! Niet omdat zo nationalistisch ben aangelegd, maar de paarse kleur verdwijnt al rap bij het koken en smaakt zeker niet beter dan onze nationale trots.

Met bospeen heb je dubbel kookgenot want het loof kun je ook als groente of kruid gebruiken. Snijd het er wel zo snel mogelijk vanaf want de blaadjes ontrekken vocht aan de peen. Bewaar het apart in een papieren zak of theedoek in de groentela van de koelkast. Gebruik het loof als ‘peterselie’, in soepen, salades, pesto en juist ja op de gekookte worteltjes!

Wortel labne

Labne is niks anders dan uitgelekte yoghurt met zout. Gemengd met kruiderij is het een heerlijk dip op de mezze tafel. Lekker met plat brood en rauwkost op een zwoele zomeravond. Dit recept met wortellabne vond ik op de site van de Groene Kookacademie:

  • 1 liter yoghurt uit laten lekken (in natgemaakte theedoek in een zeef);
  • ong. 400 gr. wortel en 1-2 teentjes knoflook grof raspen
  • dit in olie met zout en 1 tl chilivlokken heel langzaam (wel 30 min) laten ‘smelten’ totdat het zo zacht is dat je het met je tong stuk kunt drukken, wortel af laten koelen
  • yoghurt uit de theedoek schrapen en mengen met de wortel
  • op smaak brengen met limoensap en peper
bospeen
bospeen

Chinese kool

Enigszins intimiderend is het wel als je zo’n enorme Chinese kool aantreft. Maar de smaak is lekker zacht en, net als paksoi, het minst ‘kolig’ van alle koolsoorten. De knapperige structuur komt het best tot z’n recht als je de kool rauw eet of slechts kort gebakken. Door het volume heb je dan aan 1 kool al gauw genoeg voor een heel gezin. Chinese kool combineert heel goed met andere Aziatische smaakmakers als: gember, sesamzaad, sojasaus, tauge en paddenstoelen. Even kort wokken en serveren met rijst, mihoen en cashewnoten, levert al snel een heerlijk maaltijd op.

Zelf ben ik inmiddels verslaafd geraakt aan een nog simpelere bereiding, namelijk het roosteren van de kool in de oven. Dit kan overigens ook heel goed met andere ‘blad’ kolen zoals spitskool of boerenkool (chips!). Snij de kolen overlangs in parten (laat de onderkant vast zitten), besprenkel met een dressing van olie, citroensap, peper, zout eventueel wat mosterd of komijn. Rooster ong. 20-30 min of totdat de blaadjes gebruind zijn maar nog net niet verbrand (afhankelijk van de dikte) in de oven op 200 C.

Maar goed, dat is nog geen recept. Naast roosteren lenen de grote bladeren zich ook uitstekend om te vullen en op te rollen. De truc is om de nerven wat ‘af te platten’ en het blad te blancheren> dan is het zacht genoeg om te kunnen rollen.

pittige Chinese koolrolletjes

  • 1 Chinese kool
  • ½ kleine winterwortel, in luciferreepjes
  • stuk gemberwortel van ± 3 cm., fijngesneden
  • 1 teen knoflook, fijngesneden
  • 2 gedroogde rode pepers, fijngesneden
  • 1 el sesamzaad, in een droge koekenpan geroosterd
  • dressing
  • 4 el rijstazijn of sherry
  • 1 el sesamolie + extra voor erover
  • 1½ el gembersiroop

Verwijder de 8 buitenste bladeren van de kool en houd ze apart. Snijd de rest van de kool in repen van ± 2 cm. breed. Bestrooi de repen kool met 2 tl zout en laat ze ± 2 uur met een gewicht erop in een zeef uitlekken. Dep de koolrepen droog en meng de winterwortel, gemberwortel, knoflook en gedroogde peper erdoor. Roer voor de dressing de rijstazijn, sesamolie en gembersiroop door elkaar en schenk over het koolmengsel. Kneed het mengsel met de hand ± 1 min. goed door.

Leg de achtergehouden koolbladeren met de nerf naar boven op een plank. Snij met een scherp mes de nerf wat af. Blancheer het blad vervolgens in een grote pan met ruim kokend water ± 1 min en laat op een keukendoek goed uitlekken. Vul de bladeren met het koolmengsel. Rol de koolbladeren om de vulling. Druppel er voor het serveren nog wat sesamolie over en bestrooi met het sesamzaad. Erg lekker in een tomatensaus. Je kunt de rolletjes daarin ook goed verwarmen.

Fermenteren

Wist je dat je Chinese kool (en spitskool) ook heel goed kunt gebruiken om zuurkool te maken? Dat kan gewoon in een jampot. Je gebruikt hiervoor de droge methode.

Chinese kool
Chinese kool

Andijvie anders

Andijvie is een heerlijke bladgroente, mits je ‘m goed bereid. Gekookt of gestooft is het al gauw snotterig en smakeloos (menigeen heeft er nog jeugdtrauma’s van). Ik eet deze groente het liefst rauw of licht gegaard: als een licht-bittere toets door de salade of op het laatste moment meegewarmd in de een puree van (zoete) aardappel. Lekker met krokant gebakken tempeh of blokjes oude kaas!

het geheim om andijvie goed te bereiden

Wil je andijvie lekker bereiden, zorg dan voor een combinatie met iets ‘romigs’ en iets ‘hartigs’. Iets romigs is niet alleen letterlijk room of kaas maar kan ook een dressing zijn, eieren of een romige puree van (zoete) aardappel en pastinaak. Peulvruchten zijn ook een goede vriend! Voor de hartigheid gebruik je ingrediënten met veel ‘umami‘ zoals tomaat, champignon, sojasaus en miso. Een snelle ‘andijvie anders’ maak je dan zo:

Fastfood Andijvie
  • Snij de andijvie* in repen van 5 cm. Spoel grondig. Wok de andijvie kort in olijfolie met wat peper en zout. Laat uitlekken in een vergiet.*ipv andijvie kun je dit gerecht ook maken met paksoi of Chinese Kool.
  • Snijd 250 gr champignons in schijfjes. Bak champignons met 400 gr gekookte kikkererwten met 2el sojasaus, wat knoflookpoeder en balsamicoazijn in een hete pan tot ze mooi goudbruin kleuren. Roer zo weinig mogelijk. Schud liever af en toe de pan even op.
  • Voeg de andijvie en 400 ml (soja)room toe en laat even pruttelen totdat de room indikt.
  • Serveer met pasta of puree of eet het zo en dep de saus met brood.

Wil je verder dan de snelle hap? Ga dan voor taart! Gebruik bovenstaand recept of verwerk een rest van de vorig dag. ( ja, je kunt nitraatrijke groenten als spinazie en andijvie gerust nog eens opwarmen. Dit itt het advies van vroeger)

Andijvie Taart
  • Maak zelf een deegje of gebruik kant en klaar bladerdeeg.
  • Meng bovenstaand mengsel met 2 eieren of 150 gram stevige tofu en een el mais zetmeel (of maizena)
  • Voeg eventueel wat gedroogde tomaten en zwarte olijven in stukjes toe.
  • Bedek een quiche vorm met het (blader)deeg. Stort de vulling erin.
  • Bak in voorverwarmde oven op 200 C, in ongeveer 20-25 minuten gaar

Met inspiratie van Leentje Kookt!

Ontvang elke week een recept met seizoensgroenten automatisch in je mailbox:

Asperges

Na de ‘asperge voor de armen’ (ofwel schorseneren) is het nu tijd voor de ECHTE Koningin van de groenten. Asperges uit Nederland zijn maar heel beperkt verkrijgbaar: van april tot eind juni. -al wordt het seizoen bij reguliere teelt wel opgerekt met verwarmde bedden!-. Na de langste dag wordt de plant met rust gelaten om energie op te doen voor het volgende jaar. Bij Tuinderij De Overkant gingen onlangs de asperge planten (‘klauwen’) de grond in. Toch gaat het nog even duren voordat het mogelijk is om daarvan te oogsten: asperges zijn meerjarige gewassen, het duurt zeker twee jaar voor er geoogst kan worden en pas na 4 jaar is de oogst optimaal. De planten gaan echter wel 12 jaar mee.

Koningin van de groenten
Dubbel plezier

Groene en witte asperges komen van dezelfde plant. De witte worden onder aangelegde heuvels uit de zon gehouden zodat ze niet verkleuren. Witte asperges zijn fijner van smaak dan de groene en het is nodig ze te schillen. (zie ook het filmpje – Daardoor heb je er ook dubbel plezier van want van de schillen (en de houtige onderkanten) maak je heerlijke soep! Je kunt natuurlijk ook de hele asperges daarvoor gebruiken, maar dat is wel zonde. Kook en eet de asperges gewoon als groente en bewaar het kookvocht, de schillen en de afgesneden kontjes voor de soep:

Aspergesoep
  • schillen van 6-8 asperges, geschilde ‘kontjes’
  • 1 1/2 liter kookvocht
  • 75 gr roomboter
  • 75 gr bloem
  • peper, zout, citroensap
  • optioneel: 125 ml slagroom, bieslook, ei

Zet het kookvocht met de schillen op het vuur. Voeg ook de afgesneden stukjes toe. Laat een half uur koken, niet langer, anders wordt het bitter. Zeef het kookvocht, vis de stukjes asperge eruit en gooi de schillen weg, zet de bouillon apart.
Maak een blanke roux: smelt roomboter in de pan, roer een zelfde hoeveelheid bloem erdoor tot een glad mengsel. Laat 2-3 minuten doorkoken, zonder te verkleuren. Voeg al roerend de bouillon erbij en breng aan de kook. Laat een paar minuten zachtjes koken, voeg de asperge stukjes toe en breng de soep op smaak met peper, zout en een beetje citroensap. Voeg eventueel wat room of creme fraîche toe, laat de soep dan niet meer koken. Garneer eventueel met bieslook en stukjes gekookt ei.

Fermenteer het seizoen

Groene blaadjes

Hûh, fermenteren is toch iets voor het najaar of winter? Met grote witte kolen, scherpe messen en borrelende zuurkoolvaten? Bedoeld om zeelui te behouden voor scheurbuik op hun lange reis? Nou is dat laatste natuurlijk allang achterhaald. Inmiddels weten we dat je veel meer kunt met fermenteren. Elk seizoen heeft zo zijn eigen specifieke kenmerken voor wat betreft beschikbare groenten. In het voorjaar zijn dat frisse maar ook kwetsbare groene bladgroenten. Maar ook veel wilde kruiden zoals brandnetel, zevenblad, paardebloem en ontluikende eetbare blaadjes van bomen als berk, linde en beuk. Door deze te fermenteren kun je er langer van genieten en creeër je unieke smaaksensaties.

Transformatie

Fermenteren is eigenlijk heel simpel en tegelijkertijd complex en magisch! Onder invloed van bacteriën, gisten of schimmels transformeert het voedsel tot een nieuw product dat langer houdbaar, beter verteerbaar en voedzamer is. Bij groenten zijn het de melkzuurbacteriën die ervoor zorgen dat de aanwezige suikers omgezet worden in melkzuur. Dit zorgt er niet alleen voor dat de groenten zuur en lang houdbaar worden, er vinden allerlei veranderingen plaats in textuur, kleur, geur en smaak. Bovendien ontstaan er nieuwe voedingstoffen zoals vitamine C en helpen de actieve bacteriën (probiotica) onze darmen aan goede en gevarieerde flora. Geen wonder dat fermenteren juist nu weer zo populair is!

Aan ons de taak om deze melkzuurbacterieën aan het werk te zetten.
En een omgeving te creëren waarin ze kunnen floreren.
Dit doe je door kraakverse (liefst biologische) groenten te mengen met de juiste hoeveelheid ongeraffineerd zeezout (2%), vocht (afkomstig van de groenten zelf als je deze gaat kneuzen of pekelwater toe te voegen), contact met zuurstof te vermijden, temperatuur van 18-21 C en voldoende tijd om de melkzuurbacteriën hun werk te laten doen.

Benodigdheden

Veel is er niet voor nodig om thuis te fermenteren: een glazen (weck)pot volstaat en een afdekking om de groenten onder het vocht te houden (om contact met zuurstof te voorkomen) Dat kan simpelweg een groenteblad zijn of een bakpapiertje met een gewicht erop, of een plastic diepvrieszakje met water. Het is niet nodig de pot af te sluiten en zelfs niet wenselijk: naast zuur ontstaat er namelijk ook koolzuurgas. Draai de schroefdop er dus slechts losjes op zodat het koolzuur kan ontsnappen en zorg voor voldoende ruimte in de pot (vul de pot tot een paar cm onder de rand). Zet de pot ook in een schaaltje om eventueel vocht op te vangen. Laat het proces vervolgens ongestoord z’n gang gaan en open de pot pas na een of twee weken.

Lentegroente:
Andijvie, Asperges, Bloemkool, Doperwt, Groene selder, Koolrabi, Kropsla, Prei, Raap, Raapstelen, Radijs, Spinazie, Spitskool, Uien, Warmoes, Wortelen


Er zijn kortweg 2 methodes om te fermenteren: de droge en natte methode. Bij de eerste gebruik je het vocht dat ontstaat door de groenten te kneuzen met zout. Bij de tweede dompel je de groenten onder in pekelwater. De laatste is meer geschikt als je de groenten in grotere stukken wilt fermenteren.

GEFERMENTEERDE LENTEPESTO – droge methode

Voor een pot van 1 l
• 600 g zachte verse bladgroenten (of kruiden) naar keuze: raapsteel, spinazie, sla, melde, paksoi, zevenblad, andijvie, radijsloof, mosterdblad
• 200 g sjalotjes • 80 g knoflook• 20 g zout• 2 el edelgistvlokken• 1 tl citroenzeste (optioneel)

Hak de groenten, sjalotjes en knoflook fijn. Doe kruiden, knoflook, zout, edelgistvlokken en citroenzeste in een kom en kneed met je handen tot goed door elkaar tot het vocht eruit komt. Knijp de groenten uit en druk goed aan in een glazen pot. Dek af met een groot blad (bv van de paksoi of blaadje bakpapier en gebruik een diepvrieszakje gevuld met pekelwater (2% zout) als gewicht. (Dit gewicht past zich het best aan de textuur van je ferment aan en is dus erg geschikt voor pasta’s, pesto’s en salsa’s. Zo heb je minder kans op drijvende stukjes. Mocht onverhoopt het zakje toch scheuren, dan zorgt het pekelwater ervoor dat je ferment niet bederft) Laat een week tot twee weken fermenteren en zet dan in de koelkast.

GOUDEN BLOEMKOOLPICKLES – natte methode

Voor een pot van 1 l
400 g bloemkool in roosjes• 1 tl kurkuma (of twee schijfjes verse kurkumawortel)• 1 el kerriepoeder• 3 schijfjes verse gember• 1 el donker mosterdzaad• 2 blaadjes laurier• 2 limoenblaadjes• 1 stengel citroengras• 0,5 l basispekel (5%)• bloemkoolblad

Spoel de bloemkoolroosjes met ijskoud water en doe ze in de pot. Voeg de specerijen toe. Overgiet met de pekel. Dek af met een bloemkoolblad en een gewicht. Sluit de pot losjes af en zet hem in een schaaltje. Laat drie weken fermenteren. Zet daarna in de koelkast. Minstens een jaar te bewaren

Te spannend?

Deze recepten zijn afkomstig uit de Velt workshop: Fermenteer het seizoen. Vind je het toch te spannend om zelf te experimenteren met fermenteren? Bekijk dan online de Keukenpraatjes van Velt en download de fermentatiewijzer.
Of meld je aan voor de eerstvolgende online workshop op zaterdag 15 mei a.s. van 14:00 – 16:30. Vanuit huis leer je de basistechniek van de groentenfermentatie en maak je je eigen recepten onder begeleiding. Wacht niet te lang met aanmelden er zijn slechts 12 plaatsten. De workshop is: GRATIS

groentefermentatie
groentefermentatie: bloemkool, lentepesto, rode kool

Schorseneren

Schorseneren: de vergeten groenten bij uitstek. Schorseneren zijn er van november tot april, dus dit is je laatste kans! Bewaar ze op een koele (12 tot 15° Celsius) en droge plaats (dus niet in de koelkast). In deze omstandigheden kun je de wortels een paar weken bewaren. Om uitdrogen te voorkomen doe je ze liefst in een geperforeerde plastic zak. Gekookte en geschilde schorseneren (rauwe exemplaren eerst ca. 5 minuten blancheren) kun je tot 12 maanden in de diepvries bewaren op voorwaarde dat je ze in goed gesloten plastic zak of bak stopt. Zo heb je er later ook nog plezier van.

Sigaren?

Ik heb er al naar uitgekeken ondanks het niet al te aantrekkelijk uiterlijk (het lijken wel sigaren!) en benamingen als ‘keukenmeiden verdriet‘. Dat laatste slaat op het kennelijk lastige karwei om de schorseneren schoon te maken. Is al die ophef terecht? Het schoonmaken vind ik nogal meevallen: ik schil ze gewoon met grond en al er nog aan met de dunschiller, spoel ze direct af en leg de stukjes onder water. Maar ja, ik hoef er maar een paar te schillen. Er komt inderdaad wat plakkerig sap uit. Gewoon handschoenen aan als je het te erg vind.

Ik hou het maar bij de andere bijnaam, namelijk asperge van de armen
schorseneren met aardappels

Ik snij de schorseneren in stukjes van ong. 3 cm en zet ze helemaal onder water. Een scheutje melk of of citroensap erbij zodat ze mooi wit blijven. Ik kook ze ongeveer 15 minuten totdat ze zacht zijn en serveer ze simpel met een boter/peterselie saus, gekookte aardappels en een zacht gekookt ei. Smaakt heel goed. Wat steviger en niet zo verfijnd van smaak als asperges maar helemaal niet slecht.

Variaties
  • blancheer de geschilde of geschrapte schorseneren beetgaar
  • fruit een sjalotje en knoflook in olijfolie of boter, voeg champignons of oesterzwammen toe en bak goudbruin
  • voeg de schorseneren toe met tijm/peper/zout en een eetlepel kappertjes, schep alles goed door
  • blus af met citroenssap (of witte wijn)
  • serveer als salade met winterpostelein (of een andere bladgroente) of risotto

Zie ook hier recept van veganized pasta met schorseneren van Mme ZsaZsa

schorseneren

Aardpeer

De chique naam van aardpeer is Topinamboer, of topi’s zoals Mari Maris ze liefkozend noemt. De smaak en structuur zit een beetje tussen aardappel en schorseneer in. Of lijkt op artisjok, zoals sommige zeggen. In het Engels heet de aardpeer dan ook jerusalem artichoke. Dit wordt soms verbasterd tot fartichoke. Net als zoete aardappel bevatten topi’s inuline wat winderigheid kan veroorzaken maar wel goed is voor de bloedsuikerspiegel. Zodra je de aardpeer gaat koken wordt de inuline omgezet in fructose. Van enigszins nootachtig gaat de smaak dan naar zoet.

Knobbelige knollen

Er is een reden waarom de aardpeer het veld heeft moeten ruimen voor de aardappel. De knobbelige knollen zijn onmogelijk te schillen. Bij jonge exemplaren kun je het velletje laten zitten en met een borstel of een scrubhandschoen makkelijk schoonboenen. Is de schil al wat dikker dan kun je de aardperen eerst blancheren (kort koken) en de schil er makkelijk afwrijven. De knollen verkleuren snel na het snijden, dus zet ze in wat water met een beetje citroensap of melk.

Bereiden

Fijngesneden kun je de aardpeer rauw verwerken, het is dan knapperig met een nootachtige smaak. Eet rauwe aardpeer bijvoorbeeld in salade. Ga je de aardpeer koken, dan doe je dat in ruim water met een beetje zout. Hou de knollen goed in de gaten, het kan snel ‘pap’ worden. Het kookvocht heeft voldoende smaak om te bewaren en verwerken tot soep of saus. (je kunt het eventueel bewaren in de vriezer). Aardpeer smoren in de boter, roerbakken of verwerken in gratin of soep gaat ook heel goed. Combineer met (wal-, of hazel)noten om de nootachtige smaak van de aardpeer te accentueren.

Ben je nog niet zo bekend met aardpeer dan is het leuk om ze eerst te leren kennen met onderstaande basisrecepten.

Basis recept voor topinamboer
  • Schrob de knollen goed schoon
  • Blancheer in kokend water net niet beetgaar en laat ze even uitdampen
  • Snijd eventueel grotere exemplaren in parten
  • Smelt ondertussen een flinke klont boter met knoflook en salie
  • Schud de knollen (parten) erdoor en laat een paar minuten zachtjes smoren (met deksel op de pan)
  • Maak op smaak met peper en zout
Aardpeersalade
  • Maak een sausje van olie, kwark, een scheutje water en een fijngesnipperd sjalotje
  • Rasp aardpeer en een wortel, vermeng ze gelijk met het sausje
  • Voeg eventueel nog stukjes peer en wat geroosterde hazelnoten toe
aardpeer
knobbelige knollen

Lente boter

Start van de lente

Dit weekend is de lente begonnen! En niet zoals je zou verwachten op 21 maart maar op zaterdag de 20e. Vreemd toch? Toch is hier een logische verklaring voor. We hebben het namelijk over de astronomische lente. Elk seizoen kent een precies startpunt en is afhankelijk van de stand van de zon. De start van de lente is het moment dat de zon loodrecht op de evenaar staat. De dag en nacht zijn dan precies even lang. Dit noemen we de “lente-nacht-evening” en dat is dus precies op 20 maart. -Op of rond 22 september is de tweede equinox, en dat is de start van de herfst.- De meteorologische kalender hakt simpelweg het jaar in vier stukken, volgens deze indeling is de lente begonnen op 1 maart.

Hongergat

Alhoewel de dagen beginnen te lengen en bomen en struiken voorzichtig uit gaan lopen, duurt het nog even voor we kunnen genieten van de eerste voorjaarsgroenten. Feitelijk is april de maand waarin er de minste groenten beschikbaar zijn: we noemen dat ‘het hongergat’. De wintergroenten, zoals kool, pompoen en biet, beginnen zo langzamerhand op te raken of slecht te worden. De eerste voorjaarsgroenten zijn nog niet beschikbaar. Tuinders zijn al wel volop aan het zaaien in kassen en tunnels. Gaat het lukken de eerste raapsteel, spinazie of radijs te oogsten voor de Pasen? Aangezien de kassen / tunnels onverwarmd zijn, is dat afhankelijk van de buitentemperatuur wanneer het eerste voorjaarsgroen te oogsten valt.

De lente laat zich niet temmen

Nog even geduld dus voor de echte voorjaarsgroenten. Maar weet, het voorjaar laat zich niet temmen door virussen, lockdowns of avondklok. Naar buiten dus! Ook al is het nog koud, de eerste kruidjes piepen al boven de grond. Ik hoef niet ver te lopen, in mijn achtertuin staat genoeg:

  • daslook: ja, het lijkt op lelietje van dalen (en die is giftig) maar de geur is onmiskenbaar knoflook dus daar hoef je je niet in te vergissen. Pluk en gebruik het blad liefst voordat de bloemetjes verschijnen (maar ook die kun je eten)
  • zevenblad: woekerend onkruid of saladebuffet? If you can’t beat it, eat it.
  • longkruid: dit prachtig kruidje staat al volop te bloeien, en doet dat tot ver in het najaar, alleen in vroege voorjaar (spaarzaam) gebruiken
  • roomse kervel: heel dankbaar, venkelachtig kruid. Ook lekker in soep.
  • citroenmelisse: ook lekker in de thee
  • bloedzuring: groeit makkelijk en mooi in de tuin, en nog eetbaar ook
  • salie: ik gebruik ook altijd een blaadje om mijn tanden mee te poetsen

Al deze kruiden zijn heerlijk voor een kruidige voorjaarsoep, om thee van te zetten of als smakelijk accent in de salade. Aangezien ik er nog niet zoveel van heb, ga ik het ‘vangen’ in een kruidenboter. Ook goed te bewaren in de vriezer!

Lenteboter:

– gebruik hele goede roomboter, laat deze op kamertemperatuur zacht worden;
– snij de kruiden in kleine stukjes en prak door de boter, voeg eventueel wat zout toe
– prak door de boter
– schep de boter op een stuk bakpapier en draai er een stevige rol van.
– laat opstijven in de koelkast of bewaar (een deel) in de vriezer

kruiden uit de tuin
kruiden uit de tuin

Rode Biet

Rode biet is bijna het hele jaar wel verkrijgbaar. Na de oogst in de winter kun je ze nog maanden bewaren. In mei komen de eerste zomerbietjes er al weer aan. Deze zomerbietjes zijn veel sneller klaar, 20-25 minuten. Voor de winterbieten heb je (afhankelijk van de grootte) wel een uur nodig. Dat is lang, maar als je ze in de oven roostert heb je er geen omkijken naar. De smaak is ontegenzeggenlijk veel beter dan de kant en klare slappe exemplaren uit de supermarkt.

Geroosterde biet met tahinyoghurt en ingemaakte citroen

De aardse smaak van rode biet wordt in dit gerecht opgehaald door een kleine ingemaakte citroen. Een lekkere smaakmaker uit het Midden Oosten en de Afrikaanse keuken. Citroenen kun je makkelijk zelf inmaken maar het duurt een paar weken voor de smaak zich goed ontwikkeld heeft. Dus voor dit recept kun je beter een potje halen uit de winkel. Je kunt de ingemaakte citroen met schil en al eten en ook het sap is goed te gebruiken.

1 biet weegt ong. 80-100 gr. gebruik ongeveer 2 bietjes per persoon.

  • verwarm de oven voor op 220 C
  • verpak bieten per stuk in aluminium folie of doe ze in een braadpan met een bodempje water en sluit goed af met een deksel. rooster 30-60 minuten in een hete oven. (check met een mes of de bieten al gaar zijn, het moet er vlotjes doorheen gaan) Ontvel de bieten, dat gaat het beste als ze nog een beetje warm zijn, en snijd in dikke plakken.
  • snij een kleine rode ui in dunne plakken.
  • verhit een beetje olie in een koekepan, rooster hierin een forse theelepel komijnzaad. Giet het zaad met olie over de biet, samen met de ui, 1 kleine ingemaakte citroen (fijngehakt) en een beetje van het sap, peper/zout en verse dille. Meng goed door de biet en stort op een schaal.
  • roer een eetlepel tahin (sesampasta) door 150 gr. dikke yoghurt, schep losje door de salade en maak af met nog wat verse dille.

Lekker met vers gekookte linzen of geroosterde kikkererwten en knolselderij steak.

Nog meer recepten met rode biet: