Fermenteer het seizoen

Groene blaadjes

Hûh, fermenteren is toch iets voor het najaar of winter? Met grote witte kolen, scherpe messen en borrelende zuurkoolvaten? Bedoeld om zeelui te behouden voor scheurbuik op hun lange reis? Nou is dat laatste natuurlijk allang achterhaald. Inmiddels weten we dat je veel meer kunt met fermenteren. Elk seizoen heeft zo zijn eigen specifieke kenmerken voor wat betreft beschikbare groenten. In het voorjaar zijn dat frisse maar ook kwetsbare groene bladgroenten. Maar ook veel wilde kruiden zoals brandnetel, zevenblad, paardebloem en ontluikende eetbare blaadjes van bomen als berk, linde en beuk. Door deze te fermenteren kun je er langer van genieten en creeër je unieke smaaksensaties.

Transformatie

Fermenteren is eigenlijk heel simpel en tegelijkertijd complex en magisch! Onder invloed van bacteriën, gisten of schimmels transformeert het voedsel tot een nieuw product dat langer houdbaar, beter verteerbaar en voedzamer is. Bij groenten zijn het de melkzuurbacteriën die ervoor zorgen dat de aanwezige suikers omgezet worden in melkzuur. Dit zorgt er niet alleen voor dat de groenten zuur en lang houdbaar worden, er vinden allerlei veranderingen plaats in textuur, kleur, geur en smaak. Bovendien ontstaan er nieuwe voedingstoffen zoals vitamine C en helpen de actieve bacteriën (probiotica) onze darmen aan goede en gevarieerde flora. Geen wonder dat fermenteren juist nu weer zo populair is!

Aan ons de taak om deze melkzuurbacterieën aan het werk te zetten.
En een omgeving te creëren waarin ze kunnen floreren.
Dit doe je door kraakverse (liefst biologische) groenten te mengen met de juiste hoeveelheid ongeraffineerd zeezout (2%), vocht (afkomstig van de groenten zelf als je deze gaat kneuzen of pekelwater toe te voegen), contact met zuurstof te vermijden, temperatuur van 18-21 C en voldoende tijd om de melkzuurbacteriën hun werk te laten doen.

Benodigdheden

Veel is er niet voor nodig om thuis te fermenteren: een glazen (weck)pot volstaat en een afdekking om de groenten onder het vocht te houden (om contact met zuurstof te voorkomen) Dat kan simpelweg een groenteblad zijn of een bakpapiertje met een gewicht erop, of een plastic diepvrieszakje met water. Het is niet nodig de pot af te sluiten en zelfs niet wenselijk: naast zuur ontstaat er namelijk ook koolzuurgas. Draai de schroefdop er dus slechts losjes op zodat het koolzuur kan ontsnappen en zorg voor voldoende ruimte in de pot (vul de pot tot een paar cm onder de rand). Zet de pot ook in een schaaltje om eventueel vocht op te vangen. Laat het proces vervolgens ongestoord z’n gang gaan en open de pot pas na een of twee weken.

Lentegroente:
Andijvie, Asperges, Bloemkool, Doperwt, Groene selder, Koolrabi, Kropsla, Prei, Raap, Raapstelen, Radijs, Spinazie, Spitskool, Uien, Warmoes, Wortelen


Er zijn kortweg 2 methodes om te fermenteren: de droge en natte methode. Bij de eerste gebruik je het vocht dat ontstaat door de groenten te kneuzen met zout. Bij de tweede dompel je de groenten onder in pekelwater. De laatste is meer geschikt als je de groenten in grotere stukken wilt fermenteren.

GEFERMENTEERDE LENTEPESTO – droge methode

Voor een pot van 1 l
• 600 g zachte verse bladgroenten (of kruiden) naar keuze: raapsteel, spinazie, sla, melde, paksoi, zevenblad, andijvie, radijsloof, mosterdblad
• 200 g sjalotjes • 80 g knoflook• 20 g zout• 2 el edelgistvlokken• 1 tl citroenzeste (optioneel)

Hak de groenten, sjalotjes en knoflook fijn. Doe kruiden, knoflook, zout, edelgistvlokken en citroenzeste in een kom en kneed met je handen tot goed door elkaar tot het vocht eruit komt. Knijp de groenten uit en druk goed aan in een glazen pot. Dek af met een groot blad (bv van de paksoi of blaadje bakpapier en gebruik een diepvrieszakje gevuld met pekelwater (2% zout) als gewicht. (Dit gewicht past zich het best aan de textuur van je ferment aan en is dus erg geschikt voor pasta’s, pesto’s en salsa’s. Zo heb je minder kans op drijvende stukjes. Mocht onverhoopt het zakje toch scheuren, dan zorgt het pekelwater ervoor dat je ferment niet bederft) Laat een week tot twee weken fermenteren en zet dan in de koelkast.

GOUDEN BLOEMKOOLPICKLES – natte methode

Voor een pot van 1 l
400 g bloemkool in roosjes• 1 tl kurkuma (of twee schijfjes verse kurkumawortel)• 1 el kerriepoeder• 3 schijfjes verse gember• 1 el donker mosterdzaad• 2 blaadjes laurier• 2 limoenblaadjes• 1 stengel citroengras• 0,5 l basispekel (5%)• bloemkoolblad

Spoel de bloemkoolroosjes met ijskoud water en doe ze in de pot. Voeg de specerijen toe. Overgiet met de pekel. Dek af met een bloemkoolblad en een gewicht. Sluit de pot losjes af en zet hem in een schaaltje. Laat drie weken fermenteren. Zet daarna in de koelkast. Minstens een jaar te bewaren

Te spannend?

Deze recepten zijn afkomstig uit de Velt workshop: Fermenteer het seizoen. Vind je het toch te spannend om zelf te experimenteren met fermenteren? Bekijk dan online de Keukenpraatjes van Velt en download de fermentatiewijzer.
Of meld je aan voor de eerstvolgende online workshop op zaterdag 15 mei a.s. van 14:00 – 16:30. Vanuit huis leer je de basistechniek van de groentenfermentatie en maak je je eigen recepten onder begeleiding. Wacht niet te lang met aanmelden er zijn slechts 12 plaatsten. De workshop is: GRATIS

groentefermentatie
groentefermentatie: bloemkool, lentepesto, rode kool

Basis recept: salade

Sla! Na de raapstelen en de eerste spinazie komt nu de eerste sla uit de kas. Heerlijk. Je zou bijna vergeten hoe het is om zo’n verse krop klaar te maken en niet een plastic zakje open te trekken. Vroegûh aten we kropsla als groenten met een zachtgekookt eitje erover (en dressing uit een vies flesje, niet alles was beter).


Tegenwoordig eten we sla vooral als rauwkost, erbij, en dat is helemaal geen slechte gewoonte. Zeker niet als je dat aan het begin van de maaltijd serveert: gaan de spijsverteringssappen lekker van stromen. In de natuurvoeding adviseren ze om een derde tot de helft van je voeding rauw te consumeren! Dus, ‘eat your heart out’ met salade, maar laten we het iets spannender maken.

Alle (groene) blaadjes tellen mee

Beperk je vooral niet tot de geeïgende sla-soorten, al is daarin ook al een hoop variatie. Gebruik gerust ook het groen van je groenten, zoals van de radijs, biet, wortel of bloemkool (ja, echt!). Ook verse kruiden geven een lekker smaakaccent en zeker in het vroege voorjaar is er ook al veel in je tuin of in het wild te vinden (bladzuring, melde, daslook, zevenblad of paardenbloem)

Andere groenten

We kennen de komkommer, radijs, tomaat en paprika als rauwkost, maar eigenlijk kun je bijna elke groenten rauw eten. Kwestie van het in verteerbare hapjes verwerken. Dus: geraspte wortel, pastinaak of rammenas, heel dun gesneden kool of spruitjes, fijne ringetjes ui of prei, kleine roosjes bloemkool. Vind je dat nog te heftig, dan kun je de groenten ook even blancheren (onderdompelen in kokend water); masseren met zout of overgieten met zuur. Het is leuk als je varieert met smaak, vorm en kleur.

Niet alle groenten kun je rauw eten. Peulvruchten, aardappelen, aubergines, rabarber, paddenstoelen (muv champignons en shii take) en artisjok zijn niet goed verteerbaar, bevatten giftige stoffen of smaken gewoon niet goed rauw.
Maaltijd

Een echte maaltijdsalade maak je met extra vulling van noten, granen en/of peulvruchten. Altijd handig om een voorraadje in de koelkast te hebben of restjes te verwerken. Linzen zijn bijvoorbeeld een heerlijke basis voor salade. Gebruik dan wel de groene (Lepuy) of zwarte (Beluga) linzen, die blijven heel na het koken.

Aankleding

Versier je salade met pitjes en zaden (eerst even roosteren, dat maakt het echt lekkerder!) en met eetbare bloemen maak je er helemaal een feestje van. Wat ook lekker is: geroosterde boekweit (kasha) fruit of kiemen. Maar het hoeft niet allemaal en altijd.

Dressing

Pure rauwkost is echt konijnenvoer. Met een goede dressing maak je er pas echt een ‘culinair hoogstandje van. Maak de dressing eerst: dan kunnen de smaken zich goed ontwikkelen. Doe m pas als laatste over de (blad)sla want die verlept namelijk erg snel. Beter nog meng ‘m helemaal niet door de sla. Je kunt het restant dan nog goed bewaren in de koelkast (dat geldt voor zowel de sla als de dressing!) Voor wat hardere kool of wortelsoorten geldt dat overigens niet: die mogen best een tijdje ‘marineren’.

Een basis vinaigrette (dressing op basis van azijn) is
4 el olie op 1-2 el azijn, 1 tl mosterd (voor de binding) en peper/zout.
Roer eerst de mosterd en azijn door elkaar, voed dan pas al kloppend de olie toe.

Voor bladsalades gebruik ik graag dit recept van de Groene Kookacademie. Maak gelijk een flinke hoeveelheid. Je kunt deze in een afgesloten fles zeker 2-3 weken in de koelkast bewaren. Het vergemakkelijkt het eten van sla enorm als je zo je zelfgemaakte dressing uit de koelkast kunt pakken.

  • 200 gr vruchtengelei (of jam) bv bessen
  • 100 ml witte balsamico azijn
  • 200 ml zonnebloem- of sesamolie
  • 1 el mosterd
  • 1 el zwarte peper (vers gemalen)
  • 1 el zout
  • 1 klein teentje knoflook

Knoflook met zout fijnmaken of persen; alle ingredienten (behalve de olie) goed mengen. Tot slot pas de olie toevoegen.

Sander van Tuinderij de Overkant in Twello heeft heel wat sla geplant dus zoek je nog extra mogelijkheden voor het verwerken van sla:
– gebruik de blaadjes als wrap of
– (als je er helemaal in omkomt) is er altijd nog slasoep. De beste uitvinding ever!

Schorseneren

Schorseneren: de vergeten groenten bij uitstek. Schorseneren zijn er van november tot april, dus dit is je laatste kans! Bewaar ze op een koele (12 tot 15° Celsius) en droge plaats (dus niet in de koelkast). In deze omstandigheden kun je de wortels een paar weken bewaren. Om uitdrogen te voorkomen doe je ze liefst in een geperforeerde plastic zak. Gekookte en geschilde schorseneren (rauwe exemplaren eerst ca. 5 minuten blancheren) kun je tot 12 maanden in de diepvries bewaren op voorwaarde dat je ze in goed gesloten plastic zak of bak stopt. Zo heb je er later ook nog plezier van.

Sigaren?

Ik heb er al naar uitgekeken ondanks het niet al te aantrekkelijk uiterlijk (het lijken wel sigaren!) en benamingen als ‘keukenmeiden verdriet‘. Dat laatste slaat op het kennelijk lastige karwei om de schorseneren schoon te maken. Is al die ophef terecht? Het schoonmaken vind ik nogal meevallen: ik schil ze gewoon met grond en al er nog aan met de dunschiller, spoel ze direct af en leg de stukjes onder water. Maar ja, ik hoef er maar een paar te schillen. Er komt inderdaad wat plakkerig sap uit. Gewoon handschoenen aan als je het te erg vind.

Ik hou het maar bij de andere bijnaam, namelijk asperge van de armen
schorseneren met aardappels

Ik snij de schorseneren in stukjes van ong. 3 cm en zet ze helemaal onder water. Een scheutje melk of of citroensap erbij zodat ze mooi wit blijven. Ik kook ze ongeveer 15 minuten totdat ze zacht zijn en serveer ze simpel met een boter/peterselie saus, gekookte aardappels en een zacht gekookt ei. Smaakt heel goed. Wat steviger en niet zo verfijnd van smaak als asperges maar helemaal niet slecht.

Variaties
  • blancheer de geschilde of geschrapte schorseneren beetgaar
  • fruit een sjalotje en knoflook in olijfolie of boter, voeg champignons of oesterzwammen toe en bak goudbruin
  • voeg de schorseneren toe met tijm/peper/zout en een eetlepel kappertjes, schep alles goed door
  • blus af met citroenssap (of witte wijn)
  • serveer als salade met winterpostelein (of een andere bladgroente) of risotto

Zie ook hier recept van veganized pasta met schorseneren van Mme ZsaZsa

schorseneren

Lente boter

Start van de lente

Dit weekend is de lente begonnen! En niet zoals je zou verwachten op 21 maart maar op zaterdag de 20e. Vreemd toch? Toch is hier een logische verklaring voor. We hebben het namelijk over de astronomische lente. Elk seizoen kent een precies startpunt en is afhankelijk van de stand van de zon. De start van de lente is het moment dat de zon loodrecht op de evenaar staat. De dag en nacht zijn dan precies even lang. Dit noemen we de “lente-nacht-evening” en dat is dus precies op 20 maart. -Op of rond 22 september is de tweede equinox, en dat is de start van de herfst.- De meteorologische kalender hakt simpelweg het jaar in vier stukken, volgens deze indeling is de lente begonnen op 1 maart.

Hongergat

Alhoewel de dagen beginnen te lengen en bomen en struiken voorzichtig uit gaan lopen, duurt het nog even voor we kunnen genieten van de eerste voorjaarsgroenten. Feitelijk is april de maand waarin er de minste groenten beschikbaar zijn: we noemen dat ‘het hongergat’. De wintergroenten, zoals kool, pompoen en biet, beginnen zo langzamerhand op te raken of slecht te worden. De eerste voorjaarsgroenten zijn nog niet beschikbaar. Tuinders zijn al wel volop aan het zaaien in kassen en tunnels. Gaat het lukken de eerste raapsteel, spinazie of radijs te oogsten voor de Pasen? Aangezien de kassen / tunnels onverwarmd zijn, is dat afhankelijk van de buitentemperatuur wanneer het eerste voorjaarsgroen te oogsten valt.

De lente laat zich niet temmen

Nog even geduld dus voor de echte voorjaarsgroenten. Maar weet, het voorjaar laat zich niet temmen door virussen, lockdowns of avondklok. Naar buiten dus! Ook al is het nog koud, de eerste kruidjes piepen al boven de grond. Ik hoef niet ver te lopen, in mijn achtertuin staat genoeg:

  • daslook: ja, het lijkt op lelietje van dalen (en die is giftig) maar de geur is onmiskenbaar knoflook dus daar hoef je je niet in te vergissen. Pluk en gebruik het blad liefst voordat de bloemetjes verschijnen (maar ook die kun je eten)
  • zevenblad: woekerend onkruid of saladebuffet? If you can’t beat it, eat it.
  • longkruid: dit prachtig kruidje staat al volop te bloeien, en doet dat tot ver in het najaar, alleen in vroege voorjaar (spaarzaam) gebruiken
  • roomse kervel: heel dankbaar, venkelachtig kruid. Ook lekker in soep.
  • citroenmelisse: ook lekker in de thee
  • bloedzuring: groeit makkelijk en mooi in de tuin, en nog eetbaar ook
  • salie: ik gebruik ook altijd een blaadje om mijn tanden mee te poetsen

Al deze kruiden zijn heerlijk voor een kruidige voorjaarsoep, om thee van te zetten of als smakelijk accent in de salade. Aangezien ik er nog niet zoveel van heb, ga ik het ‘vangen’ in een kruidenboter. Ook goed te bewaren in de vriezer!

Lenteboter:

– gebruik hele goede roomboter, laat deze op kamertemperatuur zacht worden;
– snij de kruiden in kleine stukjes en prak door de boter, voeg eventueel wat zout toe
– prak door de boter
– schep de boter op een stuk bakpapier en draai er een stevige rol van.
– laat opstijven in de koelkast of bewaar (een deel) in de vriezer

kruiden uit de tuin
kruiden uit de tuin

Rode Biet

Rode biet is bijna het hele jaar wel verkrijgbaar. Na de oogst in de winter kun je ze nog maanden bewaren. In mei komen de eerste zomerbietjes er al weer aan. Deze zomerbietjes zijn veel sneller klaar, 20-25 minuten. Voor de winterbieten heb je (afhankelijk van de grootte) wel een uur nodig. Dat is lang, maar als je ze in de oven roostert heb je er geen omkijken naar. De smaak is ontegenzeggenlijk veel beter dan de kant en klare slappe exemplaren uit de supermarkt.

Geroosterde biet met tahinyoghurt en ingemaakte citroen

De aardse smaak van rode biet wordt in dit gerecht opgehaald door een kleine ingemaakte citroen. Een lekkere smaakmaker uit het Midden Oosten en de Afrikaanse keuken. Citroenen kun je makkelijk zelf inmaken maar het duurt een paar weken voor de smaak zich goed ontwikkeld heeft. Dus voor dit recept kun je beter een potje halen uit de winkel. Je kunt de ingemaakte citroen met schil en al eten en ook het sap is goed te gebruiken.

1 biet weegt ong. 80-100 gr. gebruik ongeveer 2 bietjes per persoon.

  • verwarm de oven voor op 220 C
  • verpak bieten per stuk in aluminium folie of doe ze in een braadpan met een bodempje water en sluit goed af met een deksel. rooster 30-60 minuten in een hete oven. (check met een mes of de bieten al gaar zijn, het moet er vlotjes doorheen gaan) Ontvel de bieten, dat gaat het beste als ze nog een beetje warm zijn, en snijd in dikke plakken.
  • snij een kleine rode ui in dunne plakken.
  • verhit een beetje olie in een koekepan, rooster hierin een forse theelepel komijnzaad. Giet het zaad met olie over de biet, samen met de ui, 1 kleine ingemaakte citroen (fijngehakt) en een beetje van het sap, peper/zout en verse dille. Meng goed door de biet en stort op een schaal.
  • roer een eetlepel tahin (sesampasta) door 150 gr. dikke yoghurt, schep losje door de salade en maak af met nog wat verse dille.

Lekker met vers gekookte linzen of geroosterde kikkererwten en knolselderij steak.

Nog meer recepten met rode biet:

Rammenas – (wintergroente)

Typisch een gevalletje WAT IS DIT NU WEER. Ik vis een zwarte knol uit mijn groententas. ‘Dit’ is een Rammenas. Weleens van gehoord, nog nooit gezien en zeker niet gegeten. Onder de zwarte schil is de knol maagdelijk wit en door de pittige geur wordt onmiddellijk duidelijk wat het is: radijs! De Duitse witte variant heet Rettich en de Japanse variant wordt Daikon genoemd.
– de zwarte winterrammenas is verkrijgbaar vanaf eind zomer (september of oktober) tot aan februari. Voornamelijk bij de biologische boeren, op de markt en natuurwinkels –

Pittige fris

Qua smaak zijn rammenas en radijs vergelijkbaar al is de rammenas iets milder van smaak. De pittigheid wordt namelijk veroorzaakt door mosterolie en de concentratie daarvan is het hoogste net onder de schil en minder in het midden. Grotere, ronde rammenassen zijn daarom milder dan kleine of langwerpige radijssoorten.
Rammenas eet je meestal rauw bijvoorbeeld geraspt door de salade of op brood met wat kaas. Lekker om als frisse, knapperige toets toe te voegen aan roerbakgerechten. Of door een romige aardappelpuree! De puree maakt een zware stoofschotel lichter verteerbaar. Warm bereiden kan echter ook heel goed: koken of stoven. De pittige smaak gaat daarmee wat verloren, de rammenas smaakt dan meer naar meiraapjes.
Het lekkerst vind ik ze licht gepickled of gemarineerd, zoals in deze pannenkoekjes:

Rijstpannenkoekjes met rammenas
  • Maak een vulling van 250 gr. rammenas en 150 gr. wortel (in dunne plakjes gesneden); een flinke hand (gesneden) taugé of andere kiemgroenten, 1 a 2 fijngesneden bosui of dunne prei;
    meng met 2 el rijstazijn, 2 cm geraspte gember, 2 a 3 el gembersiroop en/of sojasaus (tamari);
    laat minstens 10 min. marineren
  • Maak een vloeibaar beslagje van 200 gr. rijstbloem, 1 ei en ca. 2 dl kokosmelk. Maak op smaak met zout/peper en op kleur met een tl. kurkuma (of koenjit)*
  • Bak er in hete olie dunne pannenkoekjes van, vul ze met de gemarineerde groenten en rol of vouw ze op

    *Ipv een rijstpannenkoekje kun je ook een dunne omelet gebruiken. Lekker als lunchgerecht of bij gestoofde kool en nasi.
Heilzaam

De heilzame werking van rammenas is ongekend! Versterkend en zuiverend op je gal, lever en luchtwegen. Een bekend recept uit de natuurgeneeskunde is deze hoestdrank:

  • Vul een diep bord met schijfjes rammenas. Strooi er bruine rietsuiker over en zet er een ander bord bovenop (geen plastik). Of hol de rammenas een beetje uit, doe er de suiker in en zet op een kommetje.
  • Laat 24 uur trekken. Zeef en doe de inhoud in een flesje. Bewaar dat op een donkere plek.
  • Kinderen krijgen 3 keer per dag een theelepel, volwassenen drie keer een eetlepel.

Tip 1: rammenas verkleurt snel bij de bereiding, met een snufje zout of wat citroen kun je dit tegengaan.
Tip 2: Bewaar zwarte rammenas niet in de koelkast. Je kunt hem op een koele plaats bij een temperatuur van ongeveer 12° Celsius enkele weken bewaren.

rammenas