Japanse pannenkoek – Okonomiyaki

Ik heb alles met makkelijk klaar te maken groentengerechten ‘waar je eindeloos mee kunt variëren’ en de Japanse pannenkoek ofwel Okonomiyaki is er zo een. De naam – paar keer oefenen en hij rolt zo van je tong- betekent letterlijk ‘wat je lekker vindt’ (okonomi) en gebakken (yaki). Nou, dat kan natuurlijk nooit mis gaan! Nog mooier: de pannenkoekjes zijn tamelijk vullend en alles zit er in. Heb je gelijk een volledige makkelijke maaltijd die iedereen lekker vind.

Het basisrecept van een hartige groentenpannenkoek

– Maak een beslag van eieren, bloem en water;
– Voeg hier flink wat fijn gesneden groenten aan toe en maak op smaak
– Bak hier dikke (pannen)koekjes van
– Garneer / serveer met saus of topping

Okonomiyaki

Het gerechtje bestaat feitelijk uit 3 delen: beslag, groentenvulling en de topping of saus. Je kunt het zo ingewikkeld of Japans maken als je wilt maar er ook gewoon je eigen, Hollandse draai aan geven.

Beslag
2 eieren, 200 gr. meel of bloem en 200 ml water/bouillon, kruiden

Dit maakt een vrij dun beslagje, genoeg voor 4-5 dikke pannenkoekjes van ongeveer 20 cm doorsnee.

Variaties:
  • Ik heb gewoon water gebruikt maar een bouillon is veel beter. Gebruik je bewaarde bouillon of kookvocht (of maak een bouillon en laat deze afkoelen) Echt Japans is natuurlijk om ‘Dashi’ te gebruiken: een bouillon gemaakt van kombu (zeewier), tonijnvlokken of shii-take, shoyu (japanse sojasaus) en mirin (japanse rijstwijn).
  • In veel recepten wordt ook wel panko toegevoegd: een japans broodkruim die heel licht van structuur is. Gewoon broodkruim of een schepje gekookt graan die je nog in de koelkast hebt staan lijkt me ook een uitstekende aanvulling.
  • Wil je vegan gebruik dan kikkererwten meel en laat de eieren weg. Misschien moet je een beetje bakpoeder toevoegen maar zonder lukt waarschijnlijk ook wel. Kikkererwtenmeel kun je namelijk ook als ei-vervanger gebruiken.
  • Ook voor de gluten-vrije variant kun je kikkererwtenmeel gebruiken. In dat geval hoef je de eieren niet te skippen maar het kan natuurlijk wel.
Groenten vulling
400 gr. kool + 100 gr. andere groenten (wortel, (bos)ui, prei), 4 cm verse gember
(of whatever)

De basis van de Okonomiyaki is kool en dat vind ik juist het briljante eraan: de sliertjes met beslag geven een lekkere structuur. Het is vooral ook een prima manier om die enorme (zomer)kolen te verwerken – en te verstoppen voor je kinderen? Maar hè, dit recept heet niet voor niks ‘wat je lekker vindt, gebakken’ dus inderdaad ‘whatever’ en vul gerust aan met wat er nog als restje in de koelkast ligt.

Variaties:
  • Ik vind het lekker om de kool dun te schaven maar het hoeft niet. Zomerkolen (Chinese-, spits of savooiekool zijn van zichzelf al zachter van structuur en slinken bij het bakken.
  • Gebruik je ‘waterige’ groenten als courgette als basis, dan zou ik deze eerst wat uit laten lekken: rasp, voeg zout toe en doe in een vergiet totdat het meeste water eruit is.
  • Bewaar wat van je groenten voor bovenop je pannenkoekje (dungesneden prei, bosui, rode ui oid)
Topping of saus
Garneer / serveer je pannenkoekje met verse kruiden / dungesneden groenten als prei, bosui, rode ui oid
Streepjes Japanse mayo (kewpie) en okonomiyaki saus

De echte Okonomiyaki garneer je met Okonomiyaki saus en Japanse mayo. Ik vond de beide sausje echt wel de moeite waard om toe te voegen. Je kunt ze beiden kant en klaar kopen maar ook (soort van) zelf maken.

Variaties:
  • Eerlijk gezegd vond ik de gekochte Japanse mayo (kewpie) niet zo bijzonder, het leek gewoon ‘slasaus’. Het kwam alleen in een handig plastic knijpflesje zodat je van die geinige streepjes kunt trekken over je gerechtje. Gebruik gewoon mayo, maak het iets dunner met olie of yoghurt bv en voeg wasabi of mierikswortel (poeder) toe voor de Japanse ‘touch’.
  • De Okonomiyaki saus is een soort BBQ – saus, vol met hartige umami smaak. Maak m zelf met 1 el ketchup, 2½ tl (Japanse) Worcestersaus, 1½ tl oestersaus, 1 tl suiker. Zelf heb ik gewoon wat ingrediënten bij elkaar gegooid: tamari, zoet-zure chilisaus, gembersiroop en sesamolie en gerookte paprika. Zoiets. Lekker
okonomiyaki

Spitskool

Toegegeven, spitskool was vroeger ook geen groente die ik zelf gauw zou kopen. Tegenwoordig ben ik dol op de zachte smaak en het feit dat het makkelijk klaar te maken is. En dat komt mooi uit want de spitskool is nu volop verkrijgbaar.

Het recept dat geen recept mag heten

… omdat het werkelijk te simpel is (maar wel de allerlekkerste bereiding van spitskool die ik ken): De spitskool in 4 parten snijden (van de punt tot aan de kont). De snijvlakken insmeren met olie, zout en een beetje citroensap en dan in een voorverwarmde oven 200o C roosteren totdat de blaadjes net niet verbrand zijn (minuut of 10-15, even erbij blijven). Je weet niet wat je proeft!

Nou vooruit dan toch ook maar een recept: spitskool met kerrie en kokos is natuurlijk een klassieker

Spitskool met kerrie en kokos
  • Verhit in een droge pan wat kruiden: moster- koriander zaad en karwij, haal uit de pan en maak fijn in de vijzel
  • Fruit in de pan wat knoflook met ui, gember, pepertje, kerrie en de andere kruiden
  • Voeg wat kleingesneden courgette toe; Spitskool in de lengte doorsnijden, kern eruit en dan de kool in repen snijden en even meebakken
  • Doe wat fijngeraspte santen (kokos) erdoor en laat de groenten heel even smoren met de deksel op de pan. Schep er op het allerlaatst wat fijngeraspte appel door
  • Ook lekker met wat ongezouten cashewnoten erover

Serveer met volkorenrijst en berglinzen. De kooktijd van de linzen is ongeveer gelijk met de volkoren rijst (zo’n 40 min.) dus je kunt ze goed samen koken. Peulvruchten en rijst vullen elkaar aan, bij elkaar heb je een volwaardige eiwitbron. Het ideale vegetarische gerecht dus. Berglinzen blijven heel bij het koken en hoef je niet vooraf te weken. 

Zuurkool

En ja, krijg je de berg spitskool niet weggegeten dan kun je deze fermenteren. Dat kan gewoon thuis, in een pot en na een paar weken heb je je eigen zuurkool !

Meld je aan

voor recepten en nieuwtjes

Please wait...

Gelukt! Dank je wel

Koolrabi

Hoe is het mogelijk dat ik nooit eerder over deze prachtige groente heb geschreven? Want prachtig is ‘tie, met die geinige uitsteeksels, en lekker ook. Maar ja, veel verder dan rauw door de salade of in plakken op brood kwam ik niet. En dat is lekker hoor maar daar vul je natuurlijk geen receptenblogberichtje mee. En we kunnen de hele zomer nog van deze groente genieten dus een beetje variatie is wel fijn. In dit recept gaan we de koolrabi smoren en serveren met armeluisparmezaan.

Bereiding

Grappig. Rauw is koolrabi lekker fris en knapperig. Gekookt smaakt ‘ie juist meer naar bloemkool, maar dan met beet. In dit gerecht gaan we de koolrabi ‘smoren’: we bakken de groente eerst even aan in de pan (dat is vooral voor de smaak) en doen dan de deksel op de pan. Het vocht uit de groenten condenseert tegen het deksel en valt terug in de pan. Hierdoor drogen de groenten niet uit en blijven ze lekker sappig (en behoud je de vitamines de je anders misschien met het kookwater weggooit).

braadpan met puntjes deksel
Zorg dus voor een pan met goedsluitende deksel.
Een braadpan is hiervoor erg geschikt:
de puntjes aan de binnenkant van de deksel
zorgen ervoor dat het vocht geleidelijk
verspreid over het oppervlak.

Gesmoorde koolrabi met salie

Dit recept stond ‘ongeveer’ in Seizoenen het twee maandelijks tijdschrift van Velt
(Vereniging voor Ecologisch Leven, koken en Tuinieren)

  • Laat een klont boter in de pan smelten en voeg er een scheut olie aan toe (hierdoor kun je het vet beter verhitten zonder dat het verbrand) – of gebruik alleen olie
  • Leg een paar blaadjes salie op elkaar en rol tot een sigaartje, snij er nu dunne reepjes van. Bak de salie krokant in het hete vet en schep het er met een schuimspaan weet uit. Laat uitlekken op een stukje papier.
  • Snij een ui in stukjes of in hele dunne ringen; bak deze bruin in hetzelfde vet als waarin je de salie hebt gebakken.
  • Ondertussen schil je de koolrabi* en snijd deze in dubbelsteentjes van 1-2 cm. Doe de koolrabi bij de ui in de pan en bak deze mee totdat ze rondom bruin is. Doe dan de deksel op de pan, draai het vuur laag en laat de ui en koolrabi smoren totdat ze zacht zijn. Je gebruikt ongeveer 1 kleine koolrabi per persoon als bij gerecht of 1 grote voor 2 personen
  • Als de koolrabi gaar is, schep je de salie erdoor en maak je het gerecht op smaak met peper/zout.

* Je gebruikt ongeveer 1 kleine koolrabi per persoon als bijgerecht of 1 grote voor 2 personen
Koolrabi eet je het liefst zo vers mogelijk. Oudere exemplaren kunnen wat stug en vezelig worden. Wil je ze bewaren dan kun je de koolrabi overigens prima invriezen: eerst even schillen en blancheren.
Of fermenteren! Je kunt zowel de droge als natte methode gebruiken.

Wij aten de koolrabi met een restje couscous salade en pangrattato: armeluisparmezaan. Dat laatste maak je door broodkruim (bv van oud brood) te bakken in de olie met knoflook en zout. Met wat gehakte (hazel)noten -ong. 50 gram p.p. – heb je snel een goede maaltijd!

Regelmatig handige tips en recepten in je mailbox?

Meld je aan

voor recepten en nieuwtjes

Please wait...

Gelukt! Dank je wel

Cashew – tofu spread

‘Mmmm, dit is de lekkerste vegan kaas die ik ooit geproefd heb’, zei een vriendin enthousiast toen ik haar dit smeersel liet proeven. Want ja, wat is het eigenlijk? Kaas die geen kaas is… , gemaakt van cashew en tofu. Ik blijf moeite hebben met goedbedoelde imitaties die nergens op lijken. Dan maar geen kaas (wat! horror!) Maar wat nou als het alternatief beter is dan het origineel (denk kruidenroomkaas als Paturain)? Niet alleen diervriendelijk en lactose-koemelk vrij, maar vooral verrukkelijk smaakt en simpel te maken. Dan is het een no-brainer, toch? -tenzij je natuurlijk een noten of soja allergie hebt…, heb je dat weer-
Deze spread mag gewoon zichzelf zijn en ik noem ‘m:

Cashew-tofu spread

Het resultaat is dus een stevig kruiden room’kaasje’, verdorie zeg ik het toch!*. Hou er rekening mee dat de cashew noten tenminste 4 uur geweekt worden (al kun je ze ook 10 min. in heet water koken als je het vergeten bent) en je het mengsel minstens 8 uur laat opstijven in de koelkast. Verder is het gewoon een kwestie van onderstaande ingrediënten door elkaar mengen en op smaak maken.

  • 250 gr stevige tofu > uit laten lekken, droogdeppen en verkruimelen
  • 70 gr cashewnoten (ongebrand en ongezouten) > geweekt of 10 min. gekookt > uit laten lekken (bewaar het water)
  • 1 teen knoflook
  • 1/2 tl zout of miso
  • 4 flinke el citroensap of (appel)azijn
  • 4 el water (ik gebruik het uitlekwater van de cashewnoten)
  • 80 ml kokosolie (neutraal) > gesmolten
  • (verse) kruiden en eetbare bloemen

Pureer alles (behalve de kruiden) tot een gladde massa in keukenmachine, blender of met de staafmixer. Voeg indien nodig extra water toe. Meng dan pas de fijngesneden kruiden (en/of bloemen) erdoor zodat je de stukjes goed blijft zien. Bedek een kommetje met plastic folie en stort het mengsel erin. Strijk glad en laat het afgedekt in de koelkast opstijven. – je kunt het afgedekt minstens 2 weken in de koelkast bewaren-.

Serveer op brood of toastje. Ook lekker in warme gerechten als pasta of gepofte aardappel.

cashew - tofu spread

* Carla Wessels uit Zutphen noemt het gewoon VeganCaes. Deze zomer kun je bij haar lekkere Caesjes leren maken. En dat gaan we ook doen!
* Woon je wat verder weg of wil je je helemaal onderdompelen in het vegan kaas maken? Vanaf 26 juli tot 1 aug. is de (online) Vegan Cheese Summer Camp, georganiseerd door Cashewbert en Vegetus.

Yoghurtsoep met verse bonen

Dop je eigen (tuin)bonen

Is er iets lekkerder dan verse peulvruchten? Zo’n hele zak vol, zo van de tuin. Waar je dan uiteindelijk maar een paar handjes van overhoudt. Helemaal prima voor een  zomersalade. Dit keer was het echter tijd om weer eens een echt nieuw recept uit te proberen. Van Ottolenghi, uiteraard, want in de Midden-Oosten keuken weten ze wel raad met peulvruchten. Een hete yoghurtsoep met tuinbonen. En heet slaat dit keer op de temperatuur en niet de hoeveelheid specerijen. Integendeel, lekker fris door de yoghurt, citroen en kruiden. Maar wel warm dus en bedriegelijk machtig. Een echte maaltijd soep.

Variaties

Ik heb wel een paar shortcuts toegepast op het recept: normaal maak je eerst de bouillon van wortel, ui en (bleek)selderij, ik nam voor de gelegenheid een bouillonblokje. Verder gebruikt Ottolenghi rijst, ik had blokjes aardappel. Al met al scheelde dat toch 45 minuten kooktijd en was de soep een koud kunstje (oh nee, heet)

Yoghurt soep – 4 personen
  • Breng 1 ¼ ltr bouillon aan de kook.
  • Dop de tuinbonen  (of andere verse peulvruchten) en kook ze een paar  minuten in de hete bouillon. Koel onmiddelijk en druk bij tuinbonen de zachte groene boontjes uit de buitenste dikke vliezen (dubbeldoppen)
  • Schil 4 kleine aardappels, snijd in kleine blokjes. (of gebruik 50 gram rijst) en kook gaar in de bouillon. Voeg de helft van de boontjes toe en pureer de soep met een staafmixer glad (het is nog vrij dun)
  • Klop 400 gr. dikke Griekse yoghurt los met 1 groot ei en 2 teentjes fijngesneden knoflook
  • Schep nu lepel voor lepel de helft van de soep bij het yoghurt mengsel en roer goed door (dit voorkomt dat de yoghurt gaat schiften), giet nu het yoghurt mengsel weer terug in de pan bij de rest van de soep.
  • Let op, soep niet meer laten koken maar al roerende tegen de kook aan houden totdat de soep warm en gebonden is. Maak op smaak met zout, peper en citroensap.
  • Schep de soep in een diepe kom en garneer met de rest van de boontjes, pluk dille en venkelgroen en geraspte citroen. Sprenkel er tot slot wat goede olijfolie over.

Lekker! Blijvertje.

Courgette

We trappen het zomerseizoen af met courgette. Verrassend is dat de courgette heel gezond is. Je zou niet verwachten dat er in en onder dat groene schilletje zoveel vitamine en mineralen schuilen: 100 gram levert maar liefst 28% van de dagelijks aanbevolen hoeveelheden vitamine C op! Door de neutrale smaak van courgettes kun je er vele kanten mee op. We beginnen met de kleine, stevige exemplaren en gebruiken ze als basis voor deze ‘thuis tapas’ . Later in het seizoen kunnen we de (te) grote exemplaren verwerken tot soep en atjar

Courgette rolletjes
  • snij met de kaasschaaf linten van de courgette, besmeer deze met wat (kruiden)olijfolie en laat even staan
  • maak een mengsel van ricotta, peper/zout, pijnboompitjes en een beetje basilicum
  • smeer het mengsel op de linten en rol de courgette op, zet evt vast met een prikker
mini pizza
  • snij de courgette in pakjes
  • beleg deze met bv groene of rode pesto, tomatensaus, pijnboompitjes, geraspte kaas en italiaanse kruiden
  • leg de mini pizza’s ongeveer 3-5 minuten onder voorverwarmde gril leg er evt. nog een blaadje basilicum op
Hartige koekjes
  • De courgettes wassen en met schil en al raspen, mengen met een theelepel zout en wegzetten in een vergiet (het zout ontrekt vocht aan de courgette waardoor je ze beter kunt bakken)
  • Mengen met ei (2 eieren op 500 gram courgette), verse kruiden zoals peterselie, koriander of munt en zoveel bloem dat de massa stevig genoeg is om er een koekje van te vormen; op smaak maken met peper, knoflook, paprika-, of kerriepoeder (of je eigen favoriete kruidenmengsel)
  • Verhit boter of olie in de pan
  • Met twee eetlepels (of je handen) platte koekjes vormen en deze aan beide kanten goudbruin bakken
  • 500 gram (2 kleine) courgettes levert ongeveer 15 koekjes op

Wortel, was- en bospeen

Nee, een bospeen komt niet uit het bos. Het zijn de lange, slanke wortelen met het loof er nog aan die samen, jawel, gebost zijn. Waspeen is schoongemaakte bospeen (zonder loof) en winterwortel is de dikke neus van de sneeuwpop. Het is eigenlijk heel logisch… Het hele jaar door zijn er dus wortelen te verkrijgen. En dat is maar goed ook. Wortel is met de ui, prei, selderij en knoflook een van de basisingredienten die je eigenlijk altijd in huis zou moeten hebben.

Oranje boven

Op dit moment kunnen we genieten van de zomerse bospeen. En dan ook nog in allerlei kleuren; de zg regenboogwortels. Het lijkt een noviteit maar het zijn eigenlijk de originele wortel kleuren. Zo komt de paarse wortel al 5000 jaar geleden in Afghanistan voor. De oranje wortel is er pas sinds de 16e eeuw en een typisch Nederlandse uitvinding. (en dat heeft niks met Willem van Oranje te maken, aldus Mari). Geef mij maar oranje! Niet omdat zo nationalistisch ben aangelegd, maar de paarse kleur verdwijnt al rap bij het koken en smaakt zeker niet beter dan onze nationale trots.

Met bospeen heb je dubbel kookgenot want het loof kun je ook als groente of kruid gebruiken. Snijd het er wel zo snel mogelijk vanaf want de blaadjes ontrekken vocht aan de peen. Bewaar het apart in een papieren zak of theedoek in de groentela van de koelkast. Gebruik het loof als ‘peterselie’, in soepen, salades, pesto en juist ja op de gekookte worteltjes!

Wortel labne

Labne is niks anders dan uitgelekte yoghurt met zout. Gemengd met kruiderij is het een heerlijk dip op de mezze tafel. Lekker met plat brood en rauwkost op een zwoele zomeravond. Dit recept met wortellabne vond ik op de site van de Groene Kookacademie:

  • 1 liter yoghurt uit laten lekken (in natgemaakte theedoek in een zeef);
  • ong. 400 gr. wortel en 1-2 teentjes knoflook grof raspen
  • dit in olie met zout en 1 tl chilivlokken heel langzaam (wel 30 min) laten ‘smelten’ totdat het zo zacht is dat je het met je tong stuk kunt drukken, wortel af laten koelen
  • yoghurt uit de theedoek schrapen en mengen met de wortel
  • op smaak brengen met limoensap en peper
bospeen
bospeen

Knoflook

Een knoflookbol groeit als een bloembol. Je stopt in het najaar simpelweg een teentje in de grond, deze haalt voeding uit de aarde en vormt een bol. Uit de bol groeit een knoflookbloemstengel met bladeren en na verloop van tijd groeit er zelfs een bloem uit. De bloemstengel wordt er bij het telen vaak uitgehaald zodat de plant alle energie verder stopt in het vormen van de knoflook bol. De groene sprieten van de knoflook kun je ook eten en worden in bosjes aangeboden als bosknoflook. Laat je de bollen verder groeien dan ontwikkelen zich de tenen. De knoflook wordt met het loof gebonden tot strengen en zo opgehangen om te drogen.

Je kunt dus alles van de knoflook eten en in verschillende stadia van de groei! De worteltjes kun je als smaakmaker frituren en over de salade strooien. De jonge verse sprietjes gebruik je liefst rauw en fijngesneden door omelet, soepen en salade. De stevige bloemstengels maalden we in de keukenmachine met wat goede olijfolie, citroen en zout tot een heerlijk frisgroene pasta. Wat een ontdekking! Hoe meer olijfolie je toevoegt, des te milder de pasta wordt.

  • bloemstengel knoflook
  • knoflook fijnsnijden
  • groene prut
  • knoflookpasta in pot
Van sterk naar zoet

Rauw is de smaak van knoflook het sterkst. Hoe langer de knoflook gegaard wordt hoe zachter de smaak. Op een gegeven moment wordt ‘ie zelfs zoet. Een echte sensatie is gepofte knoflook uit de oven. Hiervoor verpak je de hele knoflookbol in aluminiumfolie en rooster ze ongeveer 20 minuten in de oven op 180C. Laat de bol afkoelen. De teentjes zijn nu helemaal zacht geworden en kun je zo uitknijpen op een toastje of als vervanger van saus gebruiken.

Knoflook fermenteren

Fermentatie-expert Peter van Berckel laat zien hoe je knoflook (en andere ui-achtige) kunt fermenteren.

Gekarameliseerde knoflooktaart

Deze taart is van groente kok Ottolenghi. Schrik niet, er gaan maar liefst 3 bollen knoflook in! Maar door het blancheren en karameliseren wordt de smaak een stuk zachter. Het blijft nog wel knoflooktaart natuurlijk! Probeer maar. Ik heb de taart gemaakt met korst deeg, maar je kunt ook gewoon bladerdeeg gebruiken

Deeg: Maak een korstdeeg volgens het basisrecept: meng 200 gr bloem, 100 gr (geraspte) koude boter, snuf zout met je handen tot het gaat kruimelen. Voeg het grootste deel van een geklutst ei toe en zoveel koud water totdat je een bal kunt vormen. Zet afgedekt in de koelkast tot gebruik.

Knoflook karameliseren
Neem 3 bollen knoflook teentjes, gescheiden en gepeld. Kook ze ong. 3 minuten in een pannetje met water. Giet af. Droog de pan.
Doe de teentjes terug in de pan en voeg 1 el olijfolie toe, bak de teentjes ong. 2 min. op hoog vuur.
Voeg 2 el balsamico-azijn en een scheut water toe, breng aan de kook, draai het vuur dan laag en laat nog zo’n 10 minuten zachtjes pruttelen.
Voeg 1 el kristalsuiker, 1 takje verse rozemarijn fijngehakt, 1 takje verse tijm fijngehakt en een snuf zout toe aan de vloeistof. Laat nog eens 10 min. op halfhoog vuur pruttelen totdat vloeistof vrijwel is verdampt en knoflook met dondkere karamelsiroop is bedekt.

Verwarm de oven op 160 C
Haal het deeg uit de koelkast en rol deze uit tot een dunne lap. Bekleed een ingevette quichevorm van 28 cm bedekt met het deeg.

Breek of rasp 150 gr verse geitenkaas en 150 gr harde geitenkaas en verdeel dit over de taartbodem. Schep de knoflookteentjes met de siroop hierover heen totdat het gelijkmatig bedekt is. Klop in een maatbeker 2 eieren, 100 ml kookroom, 125 gr crème fraiche en zwarte peper tot een maasa en giet het over de taartvulling.

Bak in de oven op 160 C zo’n 35-45 minuten totdat de taart stevig en de bovenkant goudbruin is. Garneer met toefjes tijm

Basis recept: cake

Met dit basisrecept voor cake kun je eindeloos variëren in de samenstelling. Wissel gewoon de ingrediënten en geniet elk seizoen van je eigen ecozoete tussendoortjes! Links het basisrecept, rechts een ‘vertaling’ met rabarber, balasamico en cardamom. Had ik al gezegd dat je hier natuurlijk altijd je eigen draai aan kunt geven? Ook leuk, je kunt heel makkelijk je (seizoens)groenten verwerken in dit recept. De recepten komen uit de Keukenpraatjes van Velt.

Cake 

Ingrediënten voor 1 cake

  • 400 g meel (maak gerust een mix van verschillende soorten: tarwe, spelt, boekweit, rogge, …)
  • 200 ml (plantaardige) melk of 100 ml melk / 100 ml groenten-, of fruitpuree/sap
  • 50 ml appelazijn
  • 150 g ruwe rietsuiker
  • Smaakmakers als vanillepoeder/merg/essence, cacaopoeder, gemalen koffie, koekkruiden, kaneel, nootmuskaat
  • 200 ml gesmolten kokos- of olijfolie
  • 14 g bakpoeder
  • snufje zout
  • afwerken met fruit van het seizoen of diepvriesfruit*
Rabarbercake met balsamico en cardamom

Ingrediënten voor 1 rechthoekige bakvorm van 15 x 30 cm

  • 200 g speltbloem (of andere)
  • 200 g boekweitmeel (of andere)
  • 100 ml (haver)melk
  • 100 ml rode bietpuree
  • 50 ml balsamicoazijn
  • 180 g ruwe rietsuiker
  • 1 tl vanille-essence of het merg van een vanillestokje
    1 tl cardamompoeder + 1tl gembersiroop + citroensap
  • 200 ml olijfolie
  • 14 g bakpoeder of baking soda
  • snufje zout
  • 300 g (ong) rabarber 

Basisbereiding

Verwarm oven op 160C.
Meng alle natte ingrediënten. Meng alle droge ingrediënten. Voeg de droge en de natte ingrediënten samen.
Snij het fruit in mooie stukjes en rol door kristalsuiker. Vet de bakvorm in met kokos- of olijfolie. Stort het deeg erin en strijk het glad. Verdeel er het fruit over. Plaats gedurende 40 minuten in de oven. Prik met een vork. Als het beslag niet meer blijft kleven, is de cake klaar.
Bewaart minstens een week in een goed afgesloten doos in een koele ruimte.

Variaties

*Werk af met fruit van het seizoen zoals bessen of perzik in de zomer, vijgen, appel of peer in de herfst.  Meng je fruit met wat rietsuiker zodat het een mooie coating krijgt. Je kunt ook diepvriesfruit gebruiken. Dat hoef je niet te ontdooien. Gewoon mengen met de suiker.
** Smaakmakers als vanillepoeder/merg/essence, cacaopoeder, gemalen koffie, koekkruiden, kaneel, nootmuskaat
*** Vervang de 200 ml melk door 100 ml melk en 100 g groente- of fruitpuree zoals pompoen, rodebiet, wortel, pastinaak, knolselder, bloemkool, appel, banaan of door 100 g geraspte groenten zoals wortel, pastinaak, pompoen, rode biet

rabarbertaart in de maak
Deze cakevariatie is met: rabarber, havermelk / geraspte rode biet, cardamompoeder en gember als smaakmaker

Vegan rendang

Rendang is een klassiek Aziatisch stoofgerecht en deze maken we met … spitskool! Nou ja, meestal gebruik je voor rendang rundvlees (randang dagiang) maar je kunt ook jackfruit, cassave, paddenstoelen en spitskool dus gebruiken. Het vlees of de groente wordt gekookt in kokosmelk (santen) en kruiden. In de traditonele ‘droge’ variant kook je de saus helemaal in, vervolgens bak je de rendang. Dit kan wel uren duren bij vlees: de kruiden zijn dan helemaal goed ingetrokken en het vlees wel maanden houdbaar. Voor spitskool is dat niet nodig en gebruiken we de zg natte bereidingswijze (kalio). Zorg dan wel dat je kruidenmengsel goed op smaak is omdat het minder lang de tijd heeft om in te trekken.

Je kunt het jezelf nog makkelijker maken en het kruidenmengsel (de boemboe) kant en klaar kopen….

Of je niet laten intimideren door de lijst met ingrediënten en de boemboe lekker zelf maken. Moeilijk is het niet en ik ben zelf altijd verbaasd hoeveel lekkerder het smaakt met verse kruiden. In deze vega variant zitten als extra cashewnoten, die horen uiteraard niet tot de boemboe maar zijn toegevoegd voor de voedingswaarde. Je kunt ze ook weglaten.

Boemboe Rendang
boemboe zelf maken

3 sjalotten, 2 tenen knoflook, 4 cm verse gember, 1 el gesneden rode peper of sambal oelek, (75 g gezouten cashewnoten), 2 tl kurkuma (geelwortel), ½ tl gemalen komijn*, 1 tl gemalen korianderpoeder*, 1 tl gemalen laos (* -gebruik gedroogde kruiden en maal ze eventueel eerst zelf om ze goed te kunnen mengen)

Pel / schil de sjalotjes, knoflook en gember, snijd zo nodig in stukjes en doe in keukenmachine samen met de peper (sambal), cashewnoten, kurkuma, komijn en koriander. Maal tot een gladde boemboe. Dit duurt 2-3 min.

Vegan rendang met spitskool
  • boemboe rendang (zie boven)
  • 2 el zonnebloem of arachideolie
  • 400 ml kokosmelk (blikje)
  • 50 g kokoscream (santen) > kan eventueel weggelaten
  • 1½ el bouillonpoeder
  • 2 stengels citroengras (sereh)
  • 1 limoen (of gedroogde limoenblaadjes (djeroek poeroet))
  • 1 verse spitskool* ook te maken met witte, Chinese of savooiekool
  • 300 g kastanje champignons / paddenstoelen mix

Verhit de olie in een braadpan en bak de boemboe 3 min. op laag vuur. Voeg de kokosmelk en kokoscrème toe en de bouillonpoeder (of gewoon peper/zout). Snijd de stengels sereh een paar keer in de lengte in en leg in de saus. Snijd de limoen een paar keer in en leg ook in de saus (laat de parten aan elkaar zitten, zo haal je ze er makkelijk weer uit) of gebruik de gedroogde limoenblaadjes. Laat de rendangsaus een half uur zachtjes koken zonder deksel op de pan. Haal de sereh en limoen uit de saus.
Snijd ondertussen de spitskool in kwarten, snijd de harde kern eruit en snijd de kool in repen. Snijd of scheur de champignons of paddenstoelen in stukken. Verhit olie in een wok en roerbak de kool en paddenstoelen 5 min. Voeg dan toe aan de rendangsaus en laat nog 10 min. zachtjes koken. Breng eventueel op smaak met peper en zout.

Njom Njom Njom!

Wij aten deze vegan rendang met vegetarische nasi, atjar van de Oosterwaarde en gefermenteerde bloemkool als tafelzuur.