Falafel

Falafel zijn vegetarische balletjes, gemaakt van kikkererwten of ook wel tuinbonen. Deze snack uit het Midden-Oosten wordt vaak geserveerd in een pita broodje met tahini saus en sla. Een tamelijk gezond vleesvervanger, zeker als je het in de oven klaarmaakt en verrassend makkelijk zelf te maken.

GEBRUIK NOOIT kikkererwten uit BLIK, klinkt het van de ‘echte’ koks uit het Midden-Oosten. En dat heb ik goed in mijn oren geknopt na een aantal, op zich wel interessante, pogingen waarbij de falafel ofwel enigszins zompig waren danwel helemaal uiteen vielen. ” Goh he, wat grappig dat gebakken kruim, hoe noem je dat?.”

Gebakken kruim

Een nachtje weken dus, die kikkererwten, gewoon in water (zonder zout) en dan malen in de keukenmachine. Niet koken dus! Met een staafmixer lukt het ook maar een keukenmachine is wel zo handig, zeker bij grotere hoeveelheden. Kun je gelijk de kruiden meemixen:

  • kurkuma, komijnpoeder, korianderzaad (ik vijzel het zaad fijn maar je kunt ook poeder gebruiken);
  • uitje, knoflook
  • verse peterselie en/of koriander (check even of je eters hiervan houden)
  • 1½ theelepel bakpoeder;
  • zout, peper

PROEF of het mengsel goed op smaak is, het mag best flink pittig, voeg eventeel nog wat toe en maal alles flink door elkaar.

Nu zit je met een kruimig mengsel en denk je ‘hier ga ik nooit balletjes van draaien.’ Dat klopt. Onderdruk de neiging om iets nats toe te voegen maar kneed het mengsel stevig met 1 hand tot het net een beetje aan elkaar plakt. Gebruik eventueel een beetje bloem en zet de boel een half uurtje of zo in de koelkast. Daarna vorm je met 2 lepels of je handen de balletjes, je drukt ze als het ware in elkaar. Ik gebruikte een ijslepel om mooie gelijke bollen te maken en rolde ze daarna door sesamzaad.

Traditioneel frituur je falafel in een pan of wok. Zelf speel ik ‘op safe’ en bak ze het liefst in een grilpan of in de oven. Ze worden dan iets minder knapperig en wat droog maar blijven tenminste heel en zijn veel minder vet. Aan beide zijde bakken, elke kant zo’n 3-4 minuten, tot ze goudbruin zijn.

Serveer de falafel met een pita broodje of (volkoren) couscous met veel verse kruiden (peterselie, munt, citroenmelisse etc); yoghurt tahini saus en salade.

falafel

Fermenteer het seizoen

Groene blaadjes

Hûh, fermenteren is toch iets voor het najaar of winter? Met grote witte kolen, scherpe messen en borrelende zuurkoolvaten? Bedoeld om zeelui te behouden voor scheurbuik op hun lange reis? Nou is dat laatste natuurlijk allang achterhaald. Inmiddels weten we dat je veel meer kunt met fermenteren. Elk seizoen heeft zo zijn eigen specifieke kenmerken voor wat betreft beschikbare groenten. In het voorjaar zijn dat frisse maar ook kwetsbare groene bladgroenten. Maar ook veel wilde kruiden zoals brandnetel, zevenblad, paardebloem en ontluikende eetbare blaadjes van bomen als berk, linde en beuk. Door deze te fermenteren kun je er langer van genieten en creeër je unieke smaaksensaties.

Transformatie

Fermenteren is eigenlijk heel simpel en tegelijkertijd complex en magisch! Onder invloed van bacteriën, gisten of schimmels transformeert het voedsel tot een nieuw product dat langer houdbaar, beter verteerbaar en voedzamer is. Bij groenten zijn het de melkzuurbacteriën die ervoor zorgen dat de aanwezige suikers omgezet worden in melkzuur. Dit zorgt er niet alleen voor dat de groenten zuur en lang houdbaar worden, er vinden allerlei veranderingen plaats in textuur, kleur, geur en smaak. Bovendien ontstaan er nieuwe voedingstoffen zoals vitamine C en helpen de actieve bacteriën (probiotica) onze darmen aan goede en gevarieerde flora. Geen wonder dat fermenteren juist nu weer zo populair is!

Aan ons de taak om deze melkzuurbacterieën aan het werk te zetten.
En een omgeving te creëren waarin ze kunnen floreren.
Dit doe je door kraakverse (liefst biologische) groenten te mengen met de juiste hoeveelheid ongeraffineerd zeezout (2%), vocht (afkomstig van de groenten zelf als je deze gaat kneuzen of pekelwater toe te voegen), contact met zuurstof te vermijden, temperatuur van 18-21 C en voldoende tijd om de melkzuurbacteriën hun werk te laten doen.

Benodigdheden

Veel is er niet voor nodig om thuis te fermenteren: een glazen (weck)pot volstaat en een afdekking om de groenten onder het vocht te houden (om contact met zuurstof te voorkomen) Dat kan simpelweg een groenteblad zijn of een bakpapiertje met een gewicht erop, of een plastic diepvrieszakje met water. Het is niet nodig de pot af te sluiten en zelfs niet wenselijk: naast zuur ontstaat er namelijk ook koolzuurgas. Draai de schroefdop er dus slechts losjes op zodat het koolzuur kan ontsnappen en zorg voor voldoende ruimte in de pot (vul de pot tot een paar cm onder de rand). Zet de pot ook in een schaaltje om eventueel vocht op te vangen. Laat het proces vervolgens ongestoord z’n gang gaan en open de pot pas na een of twee weken.

Lentegroente:
Andijvie, Asperges, Bloemkool, Doperwt, Groene selder, Koolrabi, Kropsla, Prei, Raap, Raapstelen, Radijs, Spinazie, Spitskool, Uien, Warmoes, Wortelen


Er zijn kortweg 2 methodes om te fermenteren: de droge en natte methode. Bij de eerste gebruik je het vocht dat ontstaat door de groenten te kneuzen met zout. Bij de tweede dompel je de groenten onder in pekelwater. De laatste is meer geschikt als je de groenten in grotere stukken wilt fermenteren.

GEFERMENTEERDE LENTEPESTO – droge methode

Voor een pot van 1 l
• 600 g zachte verse bladgroenten (of kruiden) naar keuze: raapsteel, spinazie, sla, melde, paksoi, zevenblad, andijvie, radijsloof, mosterdblad
• 200 g sjalotjes • 80 g knoflook• 20 g zout• 2 el edelgistvlokken• 1 tl citroenzeste (optioneel)

Hak de groenten, sjalotjes en knoflook fijn. Doe kruiden, knoflook, zout, edelgistvlokken en citroenzeste in een kom en kneed met je handen tot goed door elkaar tot het vocht eruit komt. Knijp de groenten uit en druk goed aan in een glazen pot. Dek af met een groot blad (bv van de paksoi of blaadje bakpapier en gebruik een diepvrieszakje gevuld met pekelwater (2% zout) als gewicht. (Dit gewicht past zich het best aan de textuur van je ferment aan en is dus erg geschikt voor pasta’s, pesto’s en salsa’s. Zo heb je minder kans op drijvende stukjes. Mocht onverhoopt het zakje toch scheuren, dan zorgt het pekelwater ervoor dat je ferment niet bederft) Laat een week tot twee weken fermenteren en zet dan in de koelkast.

GOUDEN BLOEMKOOLPICKLES – natte methode

Voor een pot van 1 l
400 g bloemkool in roosjes• 1 tl kurkuma (of twee schijfjes verse kurkumawortel)• 1 el kerriepoeder• 3 schijfjes verse gember• 1 el donker mosterdzaad• 2 blaadjes laurier• 2 limoenblaadjes• 1 stengel citroengras• 0,5 l basispekel (5%)• bloemkoolblad

Spoel de bloemkoolroosjes met ijskoud water en doe ze in de pot. Voeg de specerijen toe. Overgiet met de pekel. Dek af met een bloemkoolblad en een gewicht. Sluit de pot losjes af en zet hem in een schaaltje. Laat drie weken fermenteren. Zet daarna in de koelkast. Minstens een jaar te bewaren

Te spannend?

Deze recepten zijn afkomstig uit de Velt workshop: Fermenteer het seizoen. Vind je het toch te spannend om zelf te experimenteren met fermenteren? Bekijk dan online de Keukenpraatjes van Velt en download de fermentatiewijzer.
Of meld je aan voor de eerstvolgende online workshop op zaterdag 15 mei a.s. van 14:00 – 16:30. Vanuit huis leer je de basistechniek van de groentenfermentatie en maak je je eigen recepten onder begeleiding. Wacht niet te lang met aanmelden er zijn slechts 12 plaatsten. De workshop is: GRATIS

groentefermentatie
groentefermentatie: bloemkool, lentepesto, rode kool

Basis recept: salade

Sla! Na de raapstelen en de eerste spinazie komt nu de eerste sla uit de kas. Heerlijk. Je zou bijna vergeten hoe het is om zo’n verse krop klaar te maken en niet een plastic zakje open te trekken. Vroegûh aten we kropsla als groenten met een zachtgekookt eitje erover (en dressing uit een vies flesje, niet alles was beter).


Tegenwoordig eten we sla vooral als rauwkost, erbij, en dat is helemaal geen slechte gewoonte. Zeker niet als je dat aan het begin van de maaltijd serveert: gaan de spijsverteringssappen lekker van stromen. In de natuurvoeding adviseren ze om een derde tot de helft van je voeding rauw te consumeren! Dus, ‘eat your heart out’ met salade, maar laten we het iets spannender maken.

Alle (groene) blaadjes tellen mee

Beperk je vooral niet tot de geeïgende sla-soorten, al is daarin ook al een hoop variatie. Gebruik gerust ook het groen van je groenten, zoals van de radijs, biet, wortel of bloemkool (ja, echt!). Ook verse kruiden geven een lekker smaakaccent en zeker in het vroege voorjaar is er ook al veel in je tuin of in het wild te vinden (bladzuring, melde, daslook, zevenblad of paardenbloem)

Andere groenten

We kennen de komkommer, radijs, tomaat en paprika als rauwkost, maar eigenlijk kun je bijna elke groenten rauw eten. Kwestie van het in verteerbare hapjes verwerken. Dus: geraspte wortel, pastinaak of rammenas, heel dun gesneden kool of spruitjes, fijne ringetjes ui of prei, kleine roosjes bloemkool. Vind je dat nog te heftig, dan kun je de groenten ook even blancheren (onderdompelen in kokend water); masseren met zout of overgieten met zuur. Het is leuk als je varieert met smaak, vorm en kleur.

Niet alle groenten kun je rauw eten. Peulvruchten, aardappelen, aubergines, rabarber, paddenstoelen (muv champignons en shii take) en artisjok zijn niet goed verteerbaar, bevatten giftige stoffen of smaken gewoon niet goed rauw.
Maaltijd

Een echte maaltijdsalade maak je met extra vulling van noten, granen en/of peulvruchten. Altijd handig om een voorraadje in de koelkast te hebben of restjes te verwerken. Linzen zijn bijvoorbeeld een heerlijke basis voor salade. Gebruik dan wel de groene (Lepuy) of zwarte (Beluga) linzen, die blijven heel na het koken.

Aankleding

Versier je salade met pitjes en zaden (eerst even roosteren, dat maakt het echt lekkerder!) en met eetbare bloemen maak je er helemaal een feestje van. Wat ook lekker is: geroosterde boekweit (kasha) fruit of kiemen. Maar het hoeft niet allemaal en altijd.

Dressing

Pure rauwkost is echt konijnenvoer. Met een goede dressing maak je er pas echt een ‘culinair hoogstandje van. Maak de dressing eerst: dan kunnen de smaken zich goed ontwikkelen. Doe m pas als laatste over de (blad)sla want die verlept namelijk erg snel. Beter nog meng ‘m helemaal niet door de sla. Je kunt het restant dan nog goed bewaren in de koelkast (dat geldt voor zowel de sla als de dressing!) Voor wat hardere kool of wortelsoorten geldt dat overigens niet: die mogen best een tijdje ‘marineren’.

Een basis vinaigrette (dressing op basis van azijn) is
4 el olie op 1-2 el azijn, 1 tl mosterd (voor de binding) en peper/zout.
Roer eerst de mosterd en azijn door elkaar, voed dan pas al kloppend de olie toe.

Voor bladsalades gebruik ik graag dit recept van de Groene Kookacademie. Maak gelijk een flinke hoeveelheid. Je kunt deze in een afgesloten fles zeker 2-3 weken in de koelkast bewaren. Het vergemakkelijkt het eten van sla enorm als je zo je zelfgemaakte dressing uit de koelkast kunt pakken.

  • 200 gr vruchtengelei (of jam) bv bessen
  • 100 ml witte balsamico azijn
  • 200 ml zonnebloem- of sesamolie
  • 1 el mosterd
  • 1 el zwarte peper (vers gemalen)
  • 1 el zout
  • 1 klein teentje knoflook

Knoflook met zout fijnmaken of persen; alle ingredienten (behalve de olie) goed mengen. Tot slot pas de olie toevoegen.

Sander van Tuinderij de Overkant in Twello heeft heel wat sla geplant dus zoek je nog extra mogelijkheden voor het verwerken van sla:
– gebruik de blaadjes als wrap of
– (als je er helemaal in omkomt) is er altijd nog slasoep. De beste uitvinding ever!

Mini Quiches van Anouk

Afgelopen week namen we afscheid van ‘partner-in-crime’ Anouk: voorvechtster van echt eten en ‘Alles zelf maken‘. Haar dood raakt me op meerdere manieren dan ik hier kan uitleggen. Gelukkig is er nog de herinnering aan iemand die zo blij kon worden van mooie lokale producten, liefst zelf geoogst op de Nieuwe Akker van Jan Jaap. En er zijn natuurlijk de recepten. Wie weet komt ‘ie er nog, dat kookboek….

Van Anouk leerde ik dit gerechtje van mini-quiches. En maakte het oa namens haar met de scholieren van het eco-lyceum toen ze het zelf door het ziekte niet meer kon. De mini-quiches zijn gemaakt uit verschillende onderdelen: bodem gemaakt van wortelgroente, vulling van bladgroente en een topping van verse kaas. De gebruikte groenten kun je aanpassen aan wat beschikbaar is in het seizoen. Eerst zie je het hele recept, eronder staan de verschillende onderdelen als je ze helemaal zelf wilt maken.

Mini-Quiches
  • Muffinblik met bakjes van wortelgroenten
  • Gestoofde groene groente van 1 prei en flinke bos bladgroente
  • 200 gr. verse kaas (zoals ricotta) zelfgemaakt
  • 125 ml slagroom
  • 3 eieren

Verkruimel de kaas. Meng de slagroom en eieren met een garde. Kruid met zout en peper. Verdeel de snijbiet & prei over de bakjes van wortelgroente. Leg de kaas er op. Schenk het ei-roommengsel erover.
Verlaag de oventemperatuur naar 175 °C en bak de quiches in ca. 15 min. gaar.
Laat iets afkoelen en haal ze met een lepeltje uit de vorm.

De bodem van wortelgroente
  • 600 g wortel en pastinaak (of knolselderij, wortelpeterselie, aardappel oid)
  • 2 theelepels gedroogde tijm en oregano en/of verse rozemarijn
  • Scheutje milde olijfolie
  • Zout, peper

Verwarm de oven voor op 200°C, Vet een muffinblik in met wat olie. Rasp de wortel en de pastinaak met het raspbakje van de staafmixer. Meng met de olie, de kruiden en zout peper. Schep het mengsel in het bakblik. Verdeel de groente over de holtes van de ingevette vorm. Duw goed aan zodat er bakjes ontstaan. Zet de vorm ca. 15 min. in de oven tot de groente goudbruin is. Neem uit de oven. (je kunt de wortelgroenten ook even gaar maken in de pan)

Vulling van bladgroente
  • 1 prei
  • Flinke bos bladgroente: mix van raapstelen, spinazie, radijsblad (of snijbiet, palmkool of boerenkool)
  • Olijfolie
  • Zout, peper

Was de bladgroenten in ruim water, laat uitlekken in het vergiet. Snij in reepjes. (bij grote bladgroenten als snijbiet gaat het het handigst als je het blad oprolt tot een rolletje. Boerenkool kun je van de nerf ritsen, en dan verder kleinsnijden).
Was de prei (kom evt. even om uitleg vragen). Snij de prei in dunne ringetjes. Verhit een koekenpan met een scheutje olie en bak de prei en de snijbiet even aan tot ze slinken (vocht verliezen).

Topping van verse kaas
  • 1 liter volle melk
  • 3 el citroensap

Breng ongeveer 1 liter melk tegen de kook aan, haal van het vuur; voeg de citroensap (of azijn) toe, ik gebruikte 3 volle eetlepels op een liter, roer ongeveer 1 minuut. Je ziet dat de melk gaat schiften: er ontstaan witte vlokken (wrongel) en een beetje groenachtig vocht (wei). Laat het geheel ongeveer 15 minuten staan, laat uitlekken in een vergiet. Van 1 liter melk, hou je ongeveer 200-250 gr verse kaas over

Schorseneren

Schorseneren: de vergeten groenten bij uitstek. Schorseneren zijn er van november tot april, dus dit is je laatste kans! Bewaar ze op een koele (12 tot 15° Celsius) en droge plaats (dus niet in de koelkast). In deze omstandigheden kun je de wortels een paar weken bewaren. Om uitdrogen te voorkomen doe je ze liefst in een geperforeerde plastic zak. Gekookte en geschilde schorseneren (rauwe exemplaren eerst ca. 5 minuten blancheren) kun je tot 12 maanden in de diepvries bewaren op voorwaarde dat je ze in goed gesloten plastic zak of bak stopt. Zo heb je er later ook nog plezier van.

Sigaren?

Ik heb er al naar uitgekeken ondanks het niet al te aantrekkelijk uiterlijk (het lijken wel sigaren!) en benamingen als ‘keukenmeiden verdriet‘. Dat laatste slaat op het kennelijk lastige karwei om de schorseneren schoon te maken. Is al die ophef terecht? Het schoonmaken vind ik nogal meevallen: ik schil ze gewoon met grond en al er nog aan met de dunschiller, spoel ze direct af en leg de stukjes onder water. Maar ja, ik hoef er maar een paar te schillen. Er komt inderdaad wat plakkerig sap uit. Gewoon handschoenen aan als je het te erg vind.

Ik hou het maar bij de andere bijnaam, namelijk asperge van de armen
schorseneren met aardappels

Ik snij de schorseneren in stukjes van ong. 3 cm en zet ze helemaal onder water. Een scheutje melk of of citroensap erbij zodat ze mooi wit blijven. Ik kook ze ongeveer 15 minuten totdat ze zacht zijn en serveer ze simpel met een boter/peterselie saus, gekookte aardappels en een zacht gekookt ei. Smaakt heel goed. Wat steviger en niet zo verfijnd van smaak als asperges maar helemaal niet slecht.

Variaties
  • blancheer de geschilde of geschrapte schorseneren beetgaar
  • fruit een sjalotje en knoflook in olijfolie of boter, voeg champignons of oesterzwammen toe en bak goudbruin
  • voeg de schorseneren toe met tijm/peper/zout en een eetlepel kappertjes, schep alles goed door
  • blus af met citroenssap (of witte wijn)
  • serveer als salade met winterpostelein (of een andere bladgroente) of risotto

Zie ook hier recept van veganized pasta met schorseneren van Mme ZsaZsa

schorseneren

Lente boter

Start van de lente

Dit weekend is de lente begonnen! En niet zoals je zou verwachten op 21 maart maar op zaterdag de 20e. Vreemd toch? Toch is hier een logische verklaring voor. We hebben het namelijk over de astronomische lente. Elk seizoen kent een precies startpunt en is afhankelijk van de stand van de zon. De start van de lente is het moment dat de zon loodrecht op de evenaar staat. De dag en nacht zijn dan precies even lang. Dit noemen we de “lente-nacht-evening” en dat is dus precies op 20 maart. -Op of rond 22 september is de tweede equinox, en dat is de start van de herfst.- De meteorologische kalender hakt simpelweg het jaar in vier stukken, volgens deze indeling is de lente begonnen op 1 maart.

Hongergat

Alhoewel de dagen beginnen te lengen en bomen en struiken voorzichtig uit gaan lopen, duurt het nog even voor we kunnen genieten van de eerste voorjaarsgroenten. Feitelijk is april de maand waarin er de minste groenten beschikbaar zijn: we noemen dat ‘het hongergat’. De wintergroenten, zoals kool, pompoen en biet, beginnen zo langzamerhand op te raken of slecht te worden. De eerste voorjaarsgroenten zijn nog niet beschikbaar. Tuinders zijn al wel volop aan het zaaien in kassen en tunnels. Gaat het lukken de eerste raapsteel, spinazie of radijs te oogsten voor de Pasen? Aangezien de kassen / tunnels onverwarmd zijn, is dat afhankelijk van de buitentemperatuur wanneer het eerste voorjaarsgroen te oogsten valt.

De lente laat zich niet temmen

Nog even geduld dus voor de echte voorjaarsgroenten. Maar weet, het voorjaar laat zich niet temmen door virussen, lockdowns of avondklok. Naar buiten dus! Ook al is het nog koud, de eerste kruidjes piepen al boven de grond. Ik hoef niet ver te lopen, in mijn achtertuin staat genoeg:

  • daslook: ja, het lijkt op lelietje van dalen (en die is giftig) maar de geur is onmiskenbaar knoflook dus daar hoef je je niet in te vergissen. Pluk en gebruik het blad liefst voordat de bloemetjes verschijnen (maar ook die kun je eten)
  • zevenblad: woekerend onkruid of saladebuffet? If you can’t beat it, eat it.
  • longkruid: dit prachtig kruidje staat al volop te bloeien, en doet dat tot ver in het najaar, alleen in vroege voorjaar (spaarzaam) gebruiken
  • roomse kervel: heel dankbaar, venkelachtig kruid. Ook lekker in soep.
  • citroenmelisse: ook lekker in de thee
  • bloedzuring: groeit makkelijk en mooi in de tuin, en nog eetbaar ook
  • salie: ik gebruik ook altijd een blaadje om mijn tanden mee te poetsen

Al deze kruiden zijn heerlijk voor een kruidige voorjaarsoep, om thee van te zetten of als smakelijk accent in de salade. Aangezien ik er nog niet zoveel van heb, ga ik het ‘vangen’ in een kruidenboter. Ook goed te bewaren in de vriezer!

Lenteboter:

– gebruik hele goede roomboter, laat deze op kamertemperatuur zacht worden;
– snij de kruiden in kleine stukjes en prak door de boter, voeg eventueel wat zout toe
– prak door de boter
– schep de boter op een stuk bakpapier en draai er een stevige rol van.
– laat opstijven in de koelkast of bewaar (een deel) in de vriezer

kruiden uit de tuin
kruiden uit de tuin

Rode Biet

Rode biet is bijna het hele jaar wel verkrijgbaar. Na de oogst in de winter kun je ze nog maanden bewaren. In mei komen de eerste zomerbietjes er al weer aan. Deze zomerbietjes zijn veel sneller klaar, 20-25 minuten. Voor de winterbieten heb je (afhankelijk van de grootte) wel een uur nodig. Dat is lang, maar als je ze in de oven roostert heb je er geen omkijken naar. De smaak is ontegenzeggenlijk veel beter dan de kant en klare slappe exemplaren uit de supermarkt.

Geroosterde biet met tahinyoghurt en ingemaakte citroen

De aardse smaak van rode biet wordt in dit gerecht opgehaald door een kleine ingemaakte citroen. Een lekkere smaakmaker uit het Midden Oosten en de Afrikaanse keuken. Citroenen kun je makkelijk zelf inmaken maar het duurt een paar weken voor de smaak zich goed ontwikkeld heeft. Dus voor dit recept kun je beter een potje halen uit de winkel. Je kunt de ingemaakte citroen met schil en al eten en ook het sap is goed te gebruiken.

1 biet weegt ong. 80-100 gr. gebruik ongeveer 2 bietjes per persoon.

  • verwarm de oven voor op 220 C
  • verpak bieten per stuk in aluminium folie of doe ze in een braadpan met een bodempje water en sluit goed af met een deksel. rooster 30-60 minuten in een hete oven. (check met een mes of de bieten al gaar zijn, het moet er vlotjes doorheen gaan) Ontvel de bieten, dat gaat het beste als ze nog een beetje warm zijn, en snijd in dikke plakken.
  • snij een kleine rode ui in dunne plakken.
  • verhit een beetje olie in een koekepan, rooster hierin een forse theelepel komijnzaad. Giet het zaad met olie over de biet, samen met de ui, 1 kleine ingemaakte citroen (fijngehakt) en een beetje van het sap, peper/zout en verse dille. Meng goed door de biet en stort op een schaal.
  • roer een eetlepel tahin (sesampasta) door 150 gr. dikke yoghurt, schep losje door de salade en maak af met nog wat verse dille.

Lekker met vers gekookte linzen of geroosterde kikkererwten en knolselderij steak.

Nog meer recepten met rode biet:

Paddenstoelen

Paddenstoelen zijn een interessante en smakelijk toevoeging aan onze maaltijd. Door de vlezige structuur en hartige smaak worden ze vaak gebruikt als vleesvervanger, maar dat is niet terecht. Ook is het geen groenten. Maar wat dan wel?

Vleesch noch visch

Is het een plant, is het een dier, is het een vrucht? In feite hebben paddenstoelen trekken van alle drie, maar ook weer niet helemaal. Wat we beschouwen als paddenstoel is het zichtbare vruchtlichaam van het mycelium, het netwerk van zwamdraden onder de grond. We spreken zelfs van ‘knopzetten’ en ‘bloeien’ net als bij planten. Maar paddenstoelen hebben geen chlorofyl (bladgroen) en zijn, net als dieren, niet in staat zelf materie op te bouwen. Ze hebben wel dierlijk zetmeel (glycogeen). Paddenstoelen leven van organisch materiaal, zoals blad en hummus, veelal geleverd door bomen. Biologen hebben paddenstoelen in hun eigen rijk ingedeeld van de zwammen-schimmels ofwel fungi.

Gezond?

Met name de shii-take en reishi paddenstoel zijn bekend om hun medicinale eigenschappen in de Chinese en Japanse geneeskunde. Maar alle eetbare paddenstoelen zijn zeer voedzaam, bevatten weinig calorieën en zijn rijk aan eiwit, vezels en verschillende vitamines en mineralen. De hoeveelheid varieert uiteraard per soort. Omdat de hoeveelheid ijzer beperkt is, en paddenstoelen geen vitamine B12 bevat, mag het niet als vleesvervanger beschouwd worden. Het is natuurlijk wel een heel welkome aanvulling in de keuken!

Paddenstoelenkweek

In Nederland is vooral de witte en kastanje champignon het meest bekend en gebruikt in de keuken. De champignon groeit gewoon in bos en veld, maar in Nederland is niet echt een plukcultuur. We gebruiken vooral de gekweekte varianten. Nederland is de derde champignonproducent ter wereld! Het is overigens veelal niet de meest duurzame teelt.
Het is tamelijk eenvoudig en momenteel erg populair om zelf paddenstoelen te kweken, bijvoorbeeld op koffiedik, kweekbalen of stammetjes. Bij Groene Takken kun je entstof, kweekbalen of kant-en-klaar geënte stammetjes kopen. Bij Brans Oesterzwamkwekerij kun je zowel zelf geteelde oesterzwammen alswel complete maaltijdboxen bestellen.

Je kunt eenvoudig zelf paddenstoelen te kweken,
bijvoorbeeld op koffiedik, kweekbalen of stammetjes.

In de keuken

Paddenstoelen bak je liefst kort en krachtig! Neem een scheutje olie of boter (of allebei) en zorg ervoor dat de pan heet is. Snij of scheur grote stukken, het is mooi om rekening te houden met de vorm. Bak niet teveel paddenstoelen in 1 keer en geef ze voldoende ruimte in de pan. Een scheutje citroensap en wat zout halen de smaak van de paddenstoel goed op. Paddenstoelen doen het erg goed met risotto of pasta.

Beukenzwam met pasta (4 personen) – vegan


De beukenzwam is een paddenstoelensoort met een witte steel en een witte of lichtbruine hoed, die (je raadt het al) op beuken wordt gekweekt. Je kunt zowel de steel als de hoed eten. De structuur is stevig en de smaak een beetje nootachtig.

250 gr. penne / of andere volkoren pasta;
2 sjalotjes; 2 tenen knoflook, 1 rode peper (verwijder zaad en zaadlijst als je minder pittig wilt)
200 gr. beukenzwam
stronk broccoli
150 gr cashewnoten (tenminste 1/2 uur geweekt)
peper, zout

Kook de pasta volgens aanwijzingen op de verpakking net gaar (meestal zo’n 8 min), giet af (bewaar een beetje kookvocht)

  • fruit de sjalotjes, knoflook in wat boter en/of olie totdat het zacht is, voeg een fijngesnipperd rode peper toe;
  • bak de beukenzwam zoals hierboven beschreven, haal uit de pan en hou even apart;
  • snij ondertussen de broccoli: schil de stronk en snij in kleine stukken; snij de roosjes klein; bak de broccoli in de pan (eerst de stronk en dan de roosjes);
  • pureer de cashewnoten heel glad met een beetje van het weekwater
  • blus de broccoli af met een beetje van het pasta kookvocht, voeg de cashewsaus toe en laat het geheel goed doorkoken totdat de broccoli beetgaar is, schep de pasta erdoor en laat even mee warmen, maak op smaak met zout en peper
  • Schep de pasta in diepe borden, drapeer de beukenzwam erop en serveer direct

Tofu ‘kaas’ – broodbeleg

We moeten het hebben over tofu….

Eigenlijk is tofu een grote bedreiging voor de mensheid. Want al te vaak worden vegetariers en veganisten nog steeds geassocieerd met = tofuvreter, hippie, jaren ’70. En ja, dat lijkt niet een al te aantrekkelijk alternatief. Ik snap het, maar dat is natuurlijk allang achterhaald. Inmiddels wordt tofu allang erkend als perfect plantaardig alternatief voor dierlijke eiwitten en is vooral heel populair onder de Millennials. Want hè, we weten inmiddels allang dat we minder vlees moeten eten? En waarschijnlijk doe jij dat ook: voor je gezondheid, voor het klimaat, voor de dieren of voor een eerlijke voedselverdeling. Of gewoon omdat het steeds makkelijker wordt om lekker vegetarisch te eten: met hetzelfde gemak vervang je je hamburger door een vegaburger en die is vaak gemaakt van soja. En weet je, elke maaltijd zonder vlees telt mee! Als iedereen in Nederland 1 dag per week geen vlees eet hebben we alle klimaatdoelstellingen al gehaald. Hoe simpel is dat?

je hoeft geen vegetarier te zijn om vegetarisch te eten

Toch is het jammer om het daarbij te laten. Kant en klare vleesvervangers zijn meestal sterk bewerkt, veelal te zout, te vet en bevatten allerlei meuk. Gezondheidstechnisch niet de beste keuze. Back to the basics dus met tofu! Maar oh oh, wat een leed levert dat op. Want tofu smaakt natuurlijk nergens naar! Bovendien is de struktuur ook nog eens glad en ‘lillerig’. De meest gestelde vraag, ook van doorgewinterde vegetariers is: hoe maak je in vredesnaam tofu een beetje lekker klaar en kun je er nog meer mee dan in blokjes door de roerbakschotel

hoe maak je in vredesnaam tofu een beetje lekker klaar.

Tofu maak je van soja. Je haalt sojamelk uit de sojabonen en deze melk strem je vervolgens met zout. Vandaar ook het woord tofu wat staat voor boon (=to) en stremmen (=fu). Het is niet voor niks dat soja vaak gebruikt wordt in kant en klare vleesvervangers. De sojaboon overtreft alle producten, ook vlees en vis, met het hoge eiwitgehalte. Zelfs in het rijtje van peulvruchten staat de sojaboon ver bovenaan. Bovendien is het eiwit van zeer goede kwaliteit. De sojaboon is niet alleen rijk aan eiwitten, maar levert ook veel mineralen (zoals ijzer en calcium) en B-vitaminen. Bovendien bevatten sojabonen veel lecithine en dat verlaagt een te hoog cholestrolgehalte. De sojaboon wordt wel de koe van China genoemd: een goedkope bron van eiwitten.

tofu lijkt eerder op zachte kaas en wordt ook zo gemaakt en genoemd

Tofu maak je op dezelfde manier als zachte kaas en wordt ook wel sojakaas genoemd. Je kunt soja dus heel goed gebruiken op dezelfde manier als je ricotta, mascarpone, huttenkase of feta gebruikt. Bijvoorbeeld als broodbeleg, in de salade, pastasausen of in toetjes of gebak (bv cheesecake, chocolademousse of tiramisu). Voor de laatste gebruik je liefst de nog gladdere zijden tofu. Voor bijvoorbeeld broodbeleg of spread kiezen we de stevige variant die je ook in de gewone supermarkt aantreft:

Laat het blok tofu goed uitlekken (bv in keukenpapier met iets zwaars erop), verkruimel het blok met je handen. Nu is het een kwestie van smaken toevoegen:

  • beetje mayo (veganaise), mosterd, kappertjes/augurk en tuinkruiden
  • zongedroogde tomaten en/of geroosterde paprika fijnmaken, chili-, en (gerookte) paprikapoeder
  • uitje, knoflook, kerriepoeder (eerst een beetje bakken) > bak je de tofu mee dan krijg je een soort roerei
  • appelazijn, knoflookpoeder, citroensap en za’tar of een mix van tijm, oregano en rozemarijn

Van de laatste kruiden mix kun je ook heel goed een soort feta maken: snij de tofu in blokjes, voeg de mix toe en doe in een glazen pot. Dit overgiet je met goede olijfolie. laat tenminste 48 uur marineren in de koelkast.

nationale week zonder vlees

‘We moeten het hebben over tofu’

Tijdens de nationale week zonder vlees 8 – 14 maart geef ik een webinar over het gebruik van vlees / kaas vervangers. Heb je een vraag hierover? Stel m dan hieronder. Of stuur naar info@keetmee.nl Meer info volgt….

Rammenas – (wintergroente)

Typisch een gevalletje WAT IS DIT NU WEER. Ik vis een zwarte knol uit mijn groententas. ‘Dit’ is een Rammenas. Weleens van gehoord, nog nooit gezien en zeker niet gegeten. Onder de zwarte schil is de knol maagdelijk wit en door de pittige geur wordt onmiddellijk duidelijk wat het is: radijs! De Duitse witte variant heet Rettich en de Japanse variant wordt Daikon genoemd.
– de zwarte winterrammenas is verkrijgbaar vanaf eind zomer (september of oktober) tot aan februari. Voornamelijk bij de biologische boeren, op de markt en natuurwinkels –

Pittige fris

Qua smaak zijn rammenas en radijs vergelijkbaar al is de rammenas iets milder van smaak. De pittigheid wordt namelijk veroorzaakt door mosterolie en de concentratie daarvan is het hoogste net onder de schil en minder in het midden. Grotere, ronde rammenassen zijn daarom milder dan kleine of langwerpige radijssoorten.
Rammenas eet je meestal rauw bijvoorbeeld geraspt door de salade of op brood met wat kaas. Lekker om als frisse, knapperige toets toe te voegen aan roerbakgerechten. Of door een romige aardappelpuree! De puree maakt een zware stoofschotel lichter verteerbaar. Warm bereiden kan echter ook heel goed: koken of stoven. De pittige smaak gaat daarmee wat verloren, de rammenas smaakt dan meer naar meiraapjes.
Het lekkerst vind ik ze licht gepickled of gemarineerd, zoals in deze pannenkoekjes:

Rijstpannenkoekjes met rammenas
  • Maak een vulling van 250 gr. rammenas en 150 gr. wortel (in dunne plakjes gesneden); een flinke hand (gesneden) taugé of andere kiemgroenten, 1 a 2 fijngesneden bosui of dunne prei;
    meng met 2 el rijstazijn, 2 cm geraspte gember, 2 a 3 el gembersiroop en/of sojasaus (tamari);
    laat minstens 10 min. marineren
  • Maak een vloeibaar beslagje van 200 gr. rijstbloem, 1 ei en ca. 2 dl kokosmelk. Maak op smaak met zout/peper en op kleur met een tl. kurkuma (of koenjit)*
  • Bak er in hete olie dunne pannenkoekjes van, vul ze met de gemarineerde groenten en rol of vouw ze op

    *Ipv een rijstpannenkoekje kun je ook een dunne omelet gebruiken. Lekker als lunchgerecht of bij gestoofde kool en nasi.
Heilzaam

De heilzame werking van rammenas is ongekend! Versterkend en zuiverend op je gal, lever en luchtwegen. Een bekend recept uit de natuurgeneeskunde is deze hoestdrank:

  • Vul een diep bord met schijfjes rammenas. Strooi er bruine rietsuiker over en zet er een ander bord bovenop (geen plastik). Of hol de rammenas een beetje uit, doe er de suiker in en zet op een kommetje.
  • Laat 24 uur trekken. Zeef en doe de inhoud in een flesje. Bewaar dat op een donkere plek.
  • Kinderen krijgen 3 keer per dag een theelepel, volwassenen drie keer een eetlepel.

Tip 1: rammenas verkleurt snel bij de bereiding, met een snufje zout of wat citroen kun je dit tegengaan.
Tip 2: Bewaar zwarte rammenas niet in de koelkast. Je kunt hem op een koele plaats bij een temperatuur van ongeveer 12° Celsius enkele weken bewaren.

rammenas